Beeld door Ylja Band

Beklim Mount Olympus

Al weken probeer ik vrienden, kennissen en vreemden mijn fascinatie voor Mount Olympus uit te leggen. Dit theaterstuk, geschreven door Jan Fabre, duurt vierentwintig uur en het is hoogdravend, shockerend en één van de meest transformatieve ervaringen in mijn korte bestaan. Het was bovenal onbegrijpelijk. In de vele discussies erover komt één vraag telkens terug: ‘is het eigenlijk wel kunst?’

Mijn volmondige antwoord is ‘ja’. En dat heeft vooral te maken met mijn eigen ervaring van het werk. Ik kan hier niet om mijn eigen positie heen en zal de kunstervaring eerst en vooral vanuit mijzelf moeten beschrijven.

De kunstervaring van Mount Olympus is er één van ongekende grootte. Het is een bombastische totaalervaring. In die vierentwintig uur in en rond de schouwburg heb ik gehuild, gelachen, me verveeld, me boos gemaakt, extatisch gejoeld, voelde ik me seksueel opgewonden, ongemakkelijk en verward. Op het theater voerden de acteurs wilde, ritmische dansen uit, sprongen touw met ijzeren kettingen, hielden orgies met planten, besmeurden elkaar met bloed, zetten hun tanden in orgaanvlees. Hun blote lichamen putten ze tot het uiterste uit, en als publiek voel je mee met deze uitputting.

De slaap die je als toeschouwer op een goed moment overvalt, komt op het toneel terug in de droomsequenties, waarin absurdistische voorstellingen worden vergezeld door somnolente, reflexieve speeches. Ik heb zelf geen gebruik gemaakt van de speciaal opgestelde veldbedjes in het gebouw en hield hazenslaapjes in een stoel in de zaal. Het bevreemdende effect wakker te worden op het moment dat één vent een vuist in de aars van een ander steekt zal ik niet snel vergeten.

Op het moment dat ik over deze scènes vertel, komt het verwijt ‘maar is het dan kunst’ meestal naar voren. Dit riekt immers naar goedkoop effectbejag. Ieder kunstwerk maakt altijd iets los, en is an sich een vorm van effectbejag. Maar het verwijt ‘goedkoop kunstbejag’ schaart werken als Mount Olympus onder genres als porno of horror, werken die uit zijn op één effect, namelijk opwinding of afschuw.

Juist kunst is niet het uitlokken van één effect. Kunst lokt een gezamenlijke, lichamelijke ervaring uit van pijn én genot, begrip én onbegrip. Mount Olympus is niet alleen kunst omdat ik een kaartje van tachtig euro heb betaald voor een plaats in de stadsschouwburg, of omdat het aan een technisch vereiste combinatie van muziek, zang, dans, licht, rekwisieten, monologen en dialogen voldoet. Het is kunst omdat het een ambigu, lichamelijk effect op mij heeft en omdat het een esthetische, emotionele ervaring oproept waarin ik mij tegelijk verbonden voel met de acteurs op het podium én met de rest van het publiek.

Wát een stuk, wát een ervaring

Het menselijke aspect is niet te versmaden als je over kunst en met name theater praat: theaterkunst onderscheidt zich juist door de fysieke aanwezigheid van andere lichamen. Een kunstervaring opgewekt door een schilderij van bijvoorbeeld William Turner, of een boek van Virginia Woolf, kan evengoed ambivalent en heftig zijn, maar de verf- of papiermaterie heeft al met al een andere uitwerking dan menselijke lichamen. De finale van Mount Olympus, waarin een extatisch publiek met zijn gejuich de muziek en de acteurs overstemde, schiep een gevoel van verbondenheid.

Maar van de verwarring die volgde op de extase ben ik nog steeds niet verlost. Dit mysterieuze stuk stond geen volledige ontlading toe, het knaagt en wringt nog steeds. Het heeft duidelijk iets in mij losgemaakt, maar wat precies weet ik nog niet. Desondanks voel ik mij ten diepste verbonden aan het stuk – en juist daarom trek ik me beledigingen erover zo persoonlijk aan. Op Facebook regende het negatieve comments op een backstageverslag van de Volkskrant: ‘ziek’, ‘geen kunst’, ‘ontaard’.

Reacties die een ambigue kunstuiting wegzetten als ‘verkeerd’ lijken te wijzen op een vooroordeel dat kunst mooi, aangenaam of tenminste begrijpelijk is, en een onthutsend stuk als Mount Olympus daagt die normatieve ideeën uit. Het gaat in tegen vooroordelen over kunst, door vol in te zetten op verbazing, schok, afkeer, fascinatie en ongemak, door de lelijke kanten van het menselijk bestaan te vieren. Jaloezie, wrok, lust, leed, moord: wat een festijn wordt het op het podium.

Ik hoef in mijn kunst geen helderheid of duidelijkheid

Het is gemakkelijk om een onbegrijpelijk werk vervolgens weg te zetten als obscurantistisch, en moeilijk om daar iets tegen in te brengen. Ik kan alleen vertellen hoe verslavend de ambiguïteit van dergelijke kunstervaringen werkt. De ervaring was niet eenzijdig en netjes afgerond, maar woekert nog steeds in mij voort. Het zet me aan tot discussies en reflecties, op wat kunst is en vermag, en op wat het betekent om als mens rond te lopen in een wereld en lichamelijke ervaringen te kunnen beleven. Ik hoef in mijn kunst geen helderheid of duidelijkheid. Ik vind dat ook niet in de rest van de wereld.

Natuurlijk ben ik westers, hoogopgeleid, decadent en verwend, en misschien helpen al deze componenten mee om van een ervaring als Mount Olympus te kunnen genieten. Toch vind ik bovenal troost in het beklimmen van Mount Olympus, het geeft me vertrouwen en hoop in het tranendal dat dit leven is. Zoiets kunnen beleven, is dat niet een prachtig voorrecht? Ik gun iedereen een dergelijke ervaring, en zal er ongetwijfeld tot in den treure over blijven praten, om iedereen ertoe aan te zetten ontwrichtende en toch troostende kunst op te zoeken. Want man, wát een stuk, wát een ervaring.

Gerelateerde artikelen
Reacties
1 Reactie
  • Willy Schuyesmans,

    Ik herken me helemaal in de ervaring van Alex Philippa. Ik zag de voorstelling vorig jaar augustus in Antwerpen en was er even ondersteboven van. De vraag of het kunst was, wil ik niet eens stellen. Natuurlijk is het dat. En hoewel ik dacht toch wel iets te weten van de Griekse mythologie, waren ook voor mij hele stukken onbegrijpelijk of onsamenhangend. Maar een schilderij of een beeldhouwwerk kan even onbegrijpelijk zijn en toch ongemeen boeiend.
    Bijna een jaar later heb ik Mount Olympus al minstens vijf keer integraal bekeken op dvd (kan trouwens ook op YouTube), niet aan één stuk door natuurlijk, maar de afzonderlijke scènes telkens opnieuw. Ik heb ook zorgvuldig het script (uitgegeven bij De Bezige Bij) uitgepluisd en ben zo beetje bij beetje veel dieper in de voorstelling gekropen.
    Gelijklopend (her)las ik ook de hele Euripides, Aeschylos en Sophokles en er gaat geen dag voorbij dat ik niet aan Mount Olympus denk. Deze theatervoorstelling heeft mijn leven een onvermoede wending gegeven en dieper in mijn ziel gesneden dan ik ooit voor mogelijk had gehouden. En dan ben ik natuurlijk zeer verguld met de ontdekking van een zielsverwant in Alex Phlippa.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven