Flickr / SodanieChea

Brief aan mijn zelf

Beste zelf,

Het moet schitterend zijn om je te vinden. Afgaande op de verhalen van mensen die hun zelf gevonden hebben, wordt hun leven mooier, beter en spiritueler vooral. En iedereen is blij als ze je gevonden hebben. Zo jubelde ene Mihaela, nadat ze van haar hobby strijken haar beroep had gemaakt, op haar gloednieuwe site: ‘Ik heb mezelf gevonden!’

Geen wonder dus dat onlangs het CDA, Guus Hiddink, FC Twente, dj Ruud de Wild en De Echte Meisjes van RTL op zoek gingen naar hun heilige graal en dat een kennis ook mij adviseerde om eens bij je te rade te gaan. Mijn zelf zou namelijk weten wat ik echt zou willen. En waar ik écht goed in ben.

Doodlopende relaties, afgebroken carrières en nutteloze bezigheden hebben in jouw optiek altijd een waarde of een bedoeling.

Je zal ongetwijfeld met een mooi verhaal komen. Wat dat betreft heb je een reputatie opgebouwd. Doodlopende relaties, afgebroken carrières en nutteloze bezigheden hebben in jouw optiek altijd een waarde of een bedoeling. Hebben die momenten er niet voor gezorgd dat ik gegroeid ben, dan was het toch minstens goed voor mijn zelfontwikkeling. Zoals schrijver John Updike het verwoordde blijf je ‘religieus volharden’ in het idee dat mijn leven een meeslepend verhaal is, ‘tegen al het krachtige post-Darwinistische bewijs in dat ik een niet-significant ongelukje ben in een groot proces zonder oorzaak’.

En jij bent het stralende middelpunt van het stuk. Vanuit een plek in mijn hoofd overzie je mijn leven, geef je opdrachten aan het brein, bestuur je mijn lichaam en bespeel je de omgeving waar ik doorheen trek. Althans, zo voelt het.

Ondertussen besef ik dat dit beeld niet helemaal juist is. Natuurlijk heb ik de sociale experimenten gezien waaruit blijkt dat iemands zelf veel vaker door de omgeving wordt bepaald, dan andersom. Hoe kleine veranderingen ervoor zorgen dat iemand minder sociaal wordt dan hij van zichzelf had gedacht – of zelfs crimineel. Hoe dreiging ervoor zorgt dat iemand een kuddedier wordt of dat wanneer een dominante experimentator aandringt mensen die de vriendelijkheid zelve zijn, ineens veranderen in sadistische meelopers. Het zelf lijkt zich vaker aan zijn omgeving aan te passen dan dat zijn omgeving zich aanpast aan het zelf..

Goed, dat is het zelf van anderen, hoor ik je zeggen. Maar als het jou te heet onder de voeten wordt, dan weet je ook niet hoe snel je de verantwoordelijkheid af moet schuiven op mijn omgeving. Zo schoof je alcohol de schuld in de schoenen voor mijn loslippigheid en was volgens jou prestatiedruk verantwoordelijk voor een agressieve reactie. In ieder geval was ik niet mezelf, zei je, maar wie ik dan wel was of waar jij op dat moment uithing, die vragen wist je makkelijk te ontwijken.

Psycholoog Bruce Hood schrijft daarom in zijn onlangs verschenen boek dat het misschien wel zo voelt dat je een kern bent die mijn leven bestuurt, maar dat dit niet zo is. De titel van het boek somt zijn punt op: ‘The Self Illusion – who do you think you are?’ Volgens Hood komt deze illusie op eenzelfde manier tot stand als wanneer iemand naar een Kanizsa driehoek kijkt: door de omliggende figuren ziet iemand een driehoek (terwijl hij weet dat die er niet is). Vul op de figuren ‘hobby’, ‘vrienden’ en ‘werk’ in en op eenzelfde manier zou de illusie van het zelf naar voren komen.

Ik zal je niet komen opzoeken, mijn beste zelf. De reden daarvoor is niet dat je een illusie bent. Ik hou van illusies en verhalen. Sterker nog, ik stuur ze brieven.

Ik kom je niet opzoeken omdat elke keer wanneer iemand je dicht nadert of je in een hoek drijft, je verhaal verandert in een slechte voorstelling. Je wordt op zulke momenten meelijwekkend. Als de minister van informatie van Irak die voor de microfoons vertelt dat alles onder controle is, terwijl achter hem de Amerikaanse tanks Bagdad binnenrollen, blijf je bijvoorbeeld vasthouden aan je eigen macht.

Dit bleek misschien nog wel het sterkst in onderzoeken naar bij mensen bij wie de verbinding tussen hun linker- en rechterhersenhelft is doorgesneden. In experimenten leek het alsof er twee zelven waren, één in de rechter- en één in de linker hersenhelft, die allebei het lichaam aanstuurden. Als patiënten met deze tegenstrijdigheden werden geconfronteerd, kwamen ze met verklaringen op de proppen waarin er toch ééeen zelf was, die alles had uitgedacht.

Het zelf lijkt zich vaker aan zijn omgeving aan te passen dan dat zijn omgeving zich aanpast aan het zelf.

Als de onderzoekers bijvoorbeeld aan de rechterhersenhelft een plaatje lieten zien, dan kon iemand dit wel uitbeelden, maar niet onder woorden brengen (taal zit namelijk in de linkerhersenhelft en de weg daar naartoe was verbroken). Pas als het gedrag werd uitgebeeld kon iemand gokken wat er op het plaatje stond. Toen de onderzoekers bijvoorbeeld het woord ‘lopen’ alleen aan de rechterhersenhelft van een patiënt lieten zien, stond hij op en begon hij te wandelen. De vraag waarom hij opstond, beantwoordde de persoon met: “Ik wilde een colaatje gaan halen.”

Volgens filosofen als Steven Pinker en Daniel Dennett verbindt, interpreteert en herschrijft men net zolang tot er een illusie ontstaat waarmee iemand kan leven. Pinker: ‘De bewuste geest – het zelf of de ziel – is een spindoctor, niet de opperbevelhebber.’

Je bent dus slechts een spindoctor, mijn beste zelf. Iemand die altijd maar met verklaringen komt, ondanks dat hij verschillende malen is ontmaskerd als een glibberige draaikont. Sterker nog, hoe dichter iemand je nadert, des te dikker is het rookgordijn dat je optrekt met vreemde verklaringen en onjuiste theorieën.

Ik zal je dus niet op komen zoeken om advies te vragen. Ik blijf liever op een afstandje om de illusie te aanschouwen, waar je verhalen iets beter te pruimen zijn.

Maar dat zijn natuurlijk jouw woorden.

Gerelateerde artikelen
Reacties
1 Reactie
  • Je kan je afvragen of zo'n experiment een toenadering van de spin-doctor is, of eerder een mes op de keel.
    Maar goed. Erg fijn stuk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven