Wikimedia Commons

Cynisme de slag, optimisme de oorlog?

Nooit weer oorlog. De Verenigde Naties begon haar bestaan in 1945 om toekomstige geslachten ‘te behoeden voor de gesel van oorlog’. Dat is niet altijd gelukt. In Somalië, Srebrenica, Rwanda en Oost-Timor konden aanwezige blauwhelmen het bloedvergieten niet voorkomen. De Verenigde Staten vielen Irak in 2003 binnen zonder mandaat van de VN Veiligheidsraad - een klap in het gezicht van internationaal recht en de status van de VN. In Syrië, waar de burgeroorlog volgens de VN nu 60,000 levens gekost heeft, concludeerde Kofi Annan, van 1997 tot 2006 hoogste baas van de VN, dat zijn missie als Speciaal Gezant onmogelijk was. Toch eindigt Annan zijn memoires met een epiloog getiteld ‘Dromen van een realist’. Zijn vertellingen over een ‘leven in oorlog en vrede’ bieden een interessante inkijk in de turbulente wereldgeschiedenis van na de Koude Oorlog. Meer dan dat, de volhardende hoopvolheid van de voormalig secretaris-generaal boezemt ontzag in.

Op meeslepende wijze beschrijft hij zijn pogingen om de VS te overtuigen binnen het raamwerk van de VN te blijven handelen. Maar in Amerika is het bijna verkiezingstijd.

Interventies: een leven in oorlog en vrede, begint en eindigt met de Amerikaanse invasie van Irak. ‘Een oorlog die ik met iedere vezel van mijn lichaam heb geprobeerd te voorkomen,’ schrijf Annan. Op meeslepende wijze beschrijft hij zijn pogingen om de VS te overtuigen binnen het raamwerk van de VN te blijven handelen. Maar in Amerika is het bijna verkiezingstijd. De frustratie om het gebrek aan medewerking van Saddam Hoessein met inspecteurs van het Internationaal Atoomenergiegemeenschap broeit. Bush en de zijnen willen de ‘as van het kwaad’ zonodig met geweld ontdoen van massavernietigingswapens.

De dadendrang van de Amerikanen wordt tijdens een lunch met de leden van de Veiligheidsraad door de eloquente Franse minister van buitenlandse zaken Dominique de Villepin bestreden: ‘wij geloven niet dat uw oorlog democratie in het Midden-Oosten kan brengen’. Powell, zelf viersterrengeneraal b.d., dient de Fransman van repliek. ‘Ik heb meer ervaring met oorlogen dan ieder van u. Ik heb vrienden verloren in oorlog, ik heb het bevel gevoerd in oorlog. Nog een oorlog is het laatste dat ik wil, maar soms is het noodzakelijk. Amerika schrikt niet terug wanneer blijkt dat vreedzame middelen niet helpen, het Midden-Oosten zal er op vooruit gaan’.

De Amerikanen besluiten Irak binnen te vallen zonder resolutie van de Veiligheidsraad. Wat volgt wordt door Annan een ‘onwetende en neerbuigende Amerikaanse bezetting’ genoemd, die er alleen in slaagt ‘tirannie te vervangen door anarchie’. De invasie krijgt een nog bitterdere nasmaak wanneer blijkt dat het Irak van Saddam Hoessein zich ‘ondanks alle spelletjes’ al tussen 1991 en 2003 compleet van haar massavernietigingswapens heeft ontdaan. ‘Je weet toch waarom wij nooit het certificaat wilden ontwapend te zijn?’ vraagt Tariq Aziz, Saddams buitenlandse zaken minister, ‘de Perzen en de Joden’. Het regime van Saddam had haar twee aartsvijanden in angstige onzekerheid willen houden om een eventuele aanval af te schrikken.

Nog een oorlog is het laatste dat ik wil, maar soms is het noodzakelijk.

De schade van de interventie is groot – ook buiten Irak. Annan is zich er terdege van bewust dat de internationale rechtsorde zelf op het spel staat. Amerika is de enige overgebleven grootmacht, de grootste geldschieter en huisvester van de VN. Nu Washington de wil van de andere Veiligheidsraadleden naast zich neer heeft gelegd – en de VN dat niet heeft kunnen voorkomen – dreigt de organisatie irrelevant te worden.

Om de VN relevant te houden in de 21e eeuw, moet ze volgens Annan drastisch hervormen. Vooral de Veiligheidsraad moet zowel effectief als representatief zijn, ‘in het verleden was het geen van beiden’. De Raad reflecteert nu ‘de geopolitieke werkelijkheid van na de Tweede Wereldoorlog’, en Annan betoogt dat landen als Japan, Duitsland, India en Brazilië een permanente plek aan tafel verdienen. Het risico van het uitstellen van hervormingen is ‘niet dat opkomende machten de Raad zullen tegenwerken, maar dat zij de Raad negeren’.

Fundamenteler nog dan de hervorming van de Veligheidsraad, is Annan’s strijd voor ‘een revolutie in ons begrip van soevereiniteit’. Niet langer zouden de soevereiniteit en territoriale integriteit zaligmakend moeten zijn, schrijft Annan, maar respect voor het individu. Het VN Handvest opent in de preambule met ‘wij, de volken van de Verenigde Naties’. De nadruk moet weer komen te liggen op de volken (Engels, peoples) en niet op de lidstaten. De individuele wereldbewoner, diens universele rechten, sociale vooruitgang en hogere levensstandaarden ‘in grotere vrijheid’ zouden het oogmerk van de VN moeten zijn.

Het regime van Saddam had haar twee aartsvijanden in angstige onzekerheid willen houden om een eventuele aanval af te schrikken.

In de visie van Annan ontlenen overheden hun soevereiniteit aan de mate waarin zij verantwoordelijkheid nemen voor de veiligheid en mensenrechten van hun bevolking. Wanneer een overheid haar burgers niet kan of wil beschermen, verschuift de verantwoordelijkheid voor ingrijpen naar de internationale gemeenschap. Deze notie werd in 2000 door de Algemene Vergadering van de VN opgenomen als de Verantwoordelijkheid te Beschermen (R2P). Samen met de Milleniumdoelen, door de VN-lidstaten overeengekomen ontwikkelingsdoelen, wordt de R2P-doctrine door Kofi Annan genoemd als belangrijkste zege in de strijd voor de herwaardering van het individu.

Vijftig jaar nadat Annan zijn eerste baantje bij de VN kreeg, blijft de Ghanees vooral hoopvol. In zijn memoires is ruimte voor scepsis, maar niet voor cynisme. De toon wordt steeds bepaald door een diepgewortelde zorg voor mensen en de mensheid. Annan weet als geen ander dat het werk van de VN ingewikkeld is en dat er veel misgaat. Maar in dat licht brengt hij de woorden van voormalig secretaris-generaal Dag Hammarskjöld in herinnering, die zei dat de VN niet was opgericht ‘om de mensheid naar de hemel te brengen, maar om haar voor de hel te behoeden’. Met die wijsheid en de turbulente geschiedenis van zijn moederland Ghana in het achterhoofd streed Kofi Annan iedere nieuwe dag voor de kansen van zijn medewereldbewoners. Voor een wereld waarin een jongen uit Kumasi acht jaar lang toonbepalend zou kunnen zijn in de wereld van de internationale betrekkingen.

Kofi Annan
Interventies: een leven in oorlog en vrede.
Amsterdam: Atlas-Contact, 2012; 383 blz.; € 34,95; ISBN: 9789025432911

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven