Flickr - Thomas van de Weerd

Daar ga ik niet over

Het is dinsdagavond, kwart over zes en de intercity richting Maastricht rijdt Amsterdam Amstel binnen. Bij het opengaan van de deuren beweegt het perron zich en masse in de richting van de deur waar zij wordt tegengehouden door de conducteur. 'We zijn vol, u moet wachten tot de volgende trein.' Een van de aspirant-passagiers beklaagt zich bij de conducteur en suggereert: 'Er kunnen toch weleens wat meer treinstellen aangezet worden?' 'Daar ga ik niet over, mevrouw.' is de tegenwerping van de conducteur.

Het is een bekend antwoord. Maar is dat nou wel zo? Gaat hij er helemaal niet over? Op dat specifieke moment heeft hij natuurlijk niets te zeggen over het aantal treinstellen achter de locomotief, maar in het algemeen wel degelijk. En als een conducteur geen invloed kan uitoefenen op iets simpels als de vraag hoe lang een trein is, terwijl hij nota bene de hele dag door diezelfde trein loopt, dan dringt de vraag zich op wie er dan wel over gaat.

Maar eerst: gaat de conducteur er écht niet over? Strikt ‘juridisch-zakelijk’ genomen zal dit wel kloppen. Hij is ingehuurd om de deuren te openen en op het juiste moment te sluiten, informatie te verstrekken aan passagiers, incidenten het hoofd te bieden en boetes uit te delen aan zwartrijders. Tot zo ver een overzichtelijk takenpakket.

De opvatting dat de conducteur niks te verwijten valt knelt omdat deze zijn werk natuurlijk niet goed kan doen in een veel te volle trein. Het is lastig kaartjes controleren wanneer de gangpaden zich vullen met hurkende passagiers. Grote drukte in de trein leidt tot het ontstaan van irritatie en agressie, waar de conducteur dan weer bij in moet grijpen.

Het New Public Management wordt vaak aangewezen als oorzaak van veel van dit type problemen. Het volgt uit de naamgeving dat het verwijt dus ook aan het adres van managers en bestuurders is. De bekende kritiek is dat ze de boel verpest hebben en de werkvloer hun zeggenschap hebben ontnomen. De simpele werknemer windt zich misschien nog weleens op over een kerstpakket maar liever schikt deze zich mokkend in de kadaverdiscipline: ‘daar ga ik niet over’.

In deze houding zit zowel het probleem als de oplossing

In deze houding zit zowel het probleem als de oplossing. Besluiten over de werkvloer worden vaak niet op de werkvloer genomen en dat is niet zo’n slimme aanpak. Ideeën die van veraf een goede oplossing lijken, hebben meer dan eens nadelige effecten en die kunnen hun doel – in de regel kostenbesparing – compleet voorbijstreven. Vanuit het hoofdkantoor is het lastig om rekening te houden met de praktische uitwerking en beperkingen van je beleid.

Als werknemers het opgeven om een bedrijf of instelling beter te laten lopen, moet je je als organisatie zorgen gaan maken. Niet alleen omdat het ‘niet leuk’ is voor mensen om er te werken maar omdat belangrijke signalen over het (mis)functioneren van de organisatie niet meer doorkomen. Dit maakt een organisatie onvermijdelijk zwakker. Uiteindelijk is deze defaitistische houding net zo schadelijk voor het bedrijf als voor de werknemers.

De echte mogelijkheden voor verandering liggen niet bij de bestuurder of de manager maar bij de gewone werknemer. Deze moet zich realiseren dat die het verschil kan maken door trots te zijn op zijn werk en samen met collega’s een betere organisatie te maken. De vraag die overblijft is natuurlijk of dit van een eenvoudige conducteur gevraagd kan worden. Hij is toch maar een gewone werknemer. Het antwoord op die vraag is alsnog een welluidend ‘ja’.

De mate van meestribbelen in organisaties is zorgwekkend

Dat komt door de valse tegenstelling die de conducteur als werknemer of consument ziet; hij is beide. Hij reist immers zelf ook met de trein, en anders familie of vrienden wel. Het slecht (kunnen) uitoefenen van je werk heeft evengoed nadelige gevolgen voor onszelf en de mensen om ons heen. De NS moet dit weten want ze doet nota bene zelf ook weleens een beroep op haar mensen, bijvoorbeeld als ze haar personeel verbiedt binnen de spits met de trein te reizen. Laat ze dan ook maar naar diezelfde mensen luisteren als ze verbeteringen aandragen. Als je dit niet doet, dan wordt de bereidheid onder werknemers om positief bij te dragen ook kleiner.

De spanning tussen bestuurders en werknemers is er een van alle tijden, en die zal waarschijnlijk altijd blijven. Maar de mate van meestribbelen in organisaties is zorgwekkend. De oorzaken hiervoor liggen waarschijnlijk in de steeds veranderende arbeidsmarkt. De huidige werknemer-werkgever verhouding kenmerkt zich door steeds verdere flexibilisering en het afbrokkelen van secundaire arbeidsvoorwaarden; geen ideale omgeving voor tegenspraak.

En toch is verzet tegen de ‘daar-ga-ik-niet-over’ houding nodig, maar op een andere manier dan het bovenstaande wellicht doet vermoeden. Dit is geen oproep om het werk neer te leggen, te staken of de boel plat te leggen. Het is het tegenovergestelde. Het is een appel op de werknemer en de consument, vereenzelvigd in de burger, om het beter te doen als het beter kan door constructief tegen te stribbelen.

Er zijn talloze kleine ontregelingen mogelijk die de wereld een beetje beter te maken

We moeten zelf weigeren om slecht beleid uit te voeren, zelf verbeteringen voorstellen en ze desnoods zelf ongeautoriseerd uitvoeren. De conducteur is in zijn eentje maar kan samen met zijn collega’s besluiten om collectief actie te ondernemen. Misschien door de volgende keer hun collega op het derangeerterrein te overtuigen om er nog een wagon aan vast te hangen of een dubbeldekker mee te nemen. Misschien door bij een vertraagde aansluiting een keer iets later te fluiten als dat de reizigers helpt in plaats van het dienstrooster. Er zijn talloze kleine ontregelingen mogelijk die de wereld een beetje beter te maken.

Wanneer je jezelf of een ander de aankomende tijd nog eens betrapt op de zin: 'Daar ga ik niet over.', denk dan nog eens goed na en stel de vraag: 'Is dat wel zo?'. Alleen op die manier vernietigen we de valse tegenstelling tussen werknemer en consument en worden we burgers met de bijbehorende burgerlijke verantwoordelijkheid.

 

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven