Wikimedia Commons

De auteur is dood, leve de auteur

Wanneer je de boekhandel binnenloopt wordt een groot deel van de schappen gedomineerd door boeken met dramatische titels zoals Mijn waarheid, Het echte verhaal, Mijn leven dat veranderde. Er lijkt een populair genre te zijn ontstaan onder de noemer literaire non-fictie: autobiografische boeken waarvan de verkoopcijfers een gemiddelde Grunberg voorbijstreven. Inmiddels is het autobiografische aspect in literatuur zo vanzelfsprekend geworden dat bijna elke roman in dit licht bekeken wordt. Terwijl in 1968 de poststructuralistische literatuurcriticus Roland Barthes de auteur al ‘dood’ had verklaard; de auteur als ‘God’ bestond niet meer, de lezer gaf zelf betekenis aan een tekst. De hedendaagse auteur ziet zichzelf echter het liefst weer springlevend. En dat doet de literaire wereld weinig goed.

De thema’s van literaire non-fictie zijn zeer uiteenlopend, alles wat mis kan gaan in een mensenleven is besproken: van ziekte, dood, moord, ontvoering en gevangenisverhalen, tot maffiabelevenissen, loverboys en zelfs koopverslaving. De populariteit van het ego-document blijkt uit de ontelbare rubrieken in vrouwenbladen waarin de lezer haar eigen ‘heftige’ en ‘waargebeurde’ verhaal kan uitstorten over een groot publiek. De human interest-journalistiek is een vergelijkbaar verschijnsel waarbij niet het nieuws maar de mens centraal staat. De verhalen zijn sterk gebaseerd op emoties, suggesties en indrukken en weinig op feiten. Aandacht vragen voor je problemen of persoonlijke dingen met iedereen delen is in een tendens die steeds verder gaat; de eenvoud waarmee je hetgene wat je bezighoudt ‘post’ of ‘tweet’ verhoogt ook de trivialiteit van de mededelingen. Daarnaast is het proces van het schrijven belangrijk geworden, het is een soort therapeutische bezigheid: schrijven om iets af te sluiten, om eigen ervaringen te kunnen bevatten of te verwerken of om andere mensen een hart onder de riem te steken.

Het ontstaan van literaire non-fictie resulteert in een trend waarbij de vraag naar autobiografische aspecten iets vanzelfsprekends is geworden bij nieuwe boeken.

Al deze ontwikkelingen hebben ook invloed op de literaire wereld. Kluun is daar een voorbeeld van: Komt een vrouw bij de dokter balanceerde op de grens tussen fictie en non-fictie en was als therapeutisch ego-document een enorm kassucces. Het ontstaan van literaire non-fictie resulteert in een trend waarbij de vraag naar autobiografische aspecten iets vanzelfsprekends is geworden bij nieuwe boeken. En dat is precies waar de literaire wereld mee af moet rekenen. Het is ook precies het tegenovergestelde van wat Roland Barthes had aangekondigd als de ‘geboorte van de lezer en de dood van de auteur’. Waar in de klassieke literatuur de betekenis van een boek doorgrond kon worden door de auteur te ‘vinden’ in zijn werk, waren in de moderne literatuur het leven en werk van de auteur losgekoppeld. De context die het leven van de auteur bood, was volgens Barthes alleen een last die in de weg stond om het werk op zich te waarderen. Dat idee was zo gek nog niet, want het bood ruimte aan verbeelding en verschillende interpretaties. Het vestigde de aandacht volledig op het geschrevene en de kwaliteit ervan, zonder dat de belevenissen van de auteur ons met shock-value hoefden te vermaken.

Kort geleden verscheen het boek De laatste vlucht van de hand van Daphne de Boer. Het is een afschrikwekkend verhaal: door een vermeende vriendin wordt De Boer meegenomen voor een weekendje Tripoli, Libië, waar zij verkracht wordt door de zoon van dictator Khadaffi. Het boek is een reconstructie van deze vreselijke gebeurtenissen en de vraag in hoeverre de ‘vriendin’ hier misschien een rol in heeft gespeeld. Het is een aangrijpend boek, maar het verhaal is op bewonderenswaardig heldere en montere manier opgeschreven. De media springen er als bloedhonden bovenop en de recensies zijn niet mals. Beschuldigingen van leugenachtigheid, bedrog en persoonlijkheidsstoornissen aan het adres van De Boer wisselen elkaar af. Niemand lijkt zich meer te bekommeren om zijn taak als recensent, namelijk oordelen of het boek goed is of niet. Heeft ooit iemand Jan Siebelink van bedrog beticht toen hij naar eigen zeggen eindelijk zijn ware verhaal eens op papier zette? Heeft iemand ooit pogingen gedaan om te achterhalen of Knielen op een bed violen, eigenlijk wel waarheidsgetrouw is? Natuurlijk niet, want het gaat om de kwaliteit van zijn roman op zich en welke impact die op de lezer heeft.

Niemand lijkt zich meer te bekommeren om zijn taak als recensent, namelijk oordelen of het boek goed is of niet.

Andersom moeten de auteurs van Nederland zelf weer plaats maken voor de lezer en zichzelf niet zo op de voorgrond plaatsen. Elke auteur put uit zijn eigen ervaringen en zijn eigen leven wanneer hij werkt. Maar waarom moet dat tegenwoordig zo expliciet? Diederik Stapel schreef het boek Ontsporing, over het proces van leugens en bedrog in zijn wetenschappelijke studies. Er werd wel gezegd dat het een goed boek zou zijn, als het niet echt was geweest. Met het autobiografische etiketje gooide Stapel zijn eigen glazen in. Het Nederlandse publiek had zijn buik vol van de professor die zijn onderzoeken zelf bedacht had. Wilde hij nou ook nog wat gaan verdienen aan al zijn bedrog? Het boek verscheen binnen enkele dagen illegaal op internet; niemand had zin om het te kopen. Van een tweede druk werd snel afgezien. Misschien als hij een pseudoniem had gekozen, was er nog een bestsellerkans geweest.

 Ik zie een gebrek aan schrijvers die de kunst gebruiken om zich te uiten in plaats van hun eigen ‘ik’ tot kunst te willen verheffen. Een goede roman moet de lezer aan het denken zetten en hem blijven verrassen. De betekenis van een goede literaire tekst is niet aan tijd, persoon of plek gebonden. Echt of niet echt doet niet ter zake. De auteur mag wat mij betreft weer begraven worden, want waarheid is een begrip voor in de rechtszaal, in de literatuur domineert de verbeelding.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven