Wikimedia Commons / Westminster

De geruchtenmachine van de Britse verkiezingen

Omdat de kiltwinkel waar ik werk de tartan voor de Scottish National Party (SNP) heeft ontworpen (grijs en zwart geblokt met een mosterdgele streep, niet het meest oogstrelende ruitje) komt af en toe een Schots parlementslid van deze partij binnenwandelen. Vaak maken ze een politiek praatje, en van droefenis om het verloren onafhankelijkheidsreferendum afgelopen september is de algemene stemming geleidelijk aan veranderd in verkneukeling om de aankomende verkiezingen. De SNP is van een onooglijk Schots onafhankelijkheidsclubje uitgegroeid tot een partij waar op nationaal niveau rekening mee dient te worden gehouden. Daar kwam laatst een andere emotie bij: verbijstering. Het resultaat van een deur-tot-deur peiling in Edinburgh was dat de SNP alle 59 Schotse zetels in Westminster zou veroveren. Het kamerlid dat een geruite das kwam ophalen schudde beduusd zijn hoofd. ‘Dat kan toch niet?’

Waarschijnlijk niet. Conservatievere peilingen houden het op 45 tot 50 zetels van de in totaal 650 Britse, wat desalniettemin een dramatische toename is van de zes zetels die bij de verkiezingen in 2010 werden behaald. De winst van de SNP gaat vooral ten koste van de Schotse tak van Labour, die nu misschien maar zes van 41 zetels in 2010 overhoudt. Het onafhankelijkheidsreferendum heeft iets blijvend veranderd in Schotland. Waar de SNP bij verkiezingen voor het lokale parlement in Edinburgh altijd al populair was, aarzelden veel mensen ervoor zo’n Schots georiënteerde partij naar Londen af te vaardigen. Bij degenen die in september voor onafhankelijkheid stemden is die aarzeling nu grotendeels weg. De invloed van de nee-stemmers doet zich nu veel minder gelden, omdat die verdeeld is tussen de Conservatieven, Labour, en in kleine mate de Liberal Democrats.

Het onafhankelijkheidsreferendum heeft iets blijvend veranderd in Schotland

De Britse pers barst bijna uit zijn voegen door de speculaties over de komende regering. In een land waar het tweepartijenstelsel zo vanzelfsprekend is dat het verankerd is in de architectuur van het parlementsgebouw - in het House of Commons staan twee rijen banken lijnrecht tegenover elkaar - is het idee van een coalitie tamelijk vreemd. De huidige coalitieregering van de Conservatieven en de LibDems is deze laatste partij duur komen te staan, en werd veelal gezien als een korte pauze in de normale gang van zaken. Nu geen enkele partij een meerderheid zal behalen is het verzinnen van mogelijke toekomstscenario’s het voornaamste politieke spel geworden, en van de ene mogelijkheid wordt met nog meer smaak schande gesproken dan van de andere. Op rechts wordt een mogelijke verbinding tussen Labour en de SNP afgeschilderd als weerzinwekkend: Labourleider Ed Milliband moet het niet in zijn hoofd halen premier te worden met behulp van een partij die vooral bekend staat om haar wens het land uiteen te rijten.

Op links wordt gewaarschuwd voor een coalitie van de Tories met de rechtse UK Independence Party (UKIP) en de controversiële Noord-Ierse Democratic Unionist Party. UKIP is de Britse (vooral Engelse) versie van de anti-immigratie en anti-Europese partijen die Europa de laatste tijd voortbrengt, en komt op het moment vooral in het nieuws wanneer een van haar leden de partijleiding in verlegenheid brengt door bijvoorbeeld iets te twitteren over de Joodse samenzwering die in het geniep de wereld runt, of uit te weiden over het verlangen een politicus van Sri Lankaanse afkomst een kogel door het hoofd te jagen. Ook zou UKIP graag de Europese Unie verlaten, wat tot de onwaarschijnlijke maar interessante situatie zou kunnen leiden waarin Engeland uit de EU treedt, maar Schotland erin blijft. Als klap op de vuurpijl doet het gerucht de ronde dat de Tories de SNP op ondemocratische wijze buiten de deur hebben willen houden door de koningin te vragen regeringsdeelname van de SNP op staatsrechtelijke gronden af te keuren. (Volgens een vervolggerucht moest ze niets van deze coupachtige aangelegenheid hebben.)

Wellicht wensen sommige politici in Westminster nu dat Schotland vorig jaar wel als onafhankelijk land verder was gegaan

Zowel Schotse als Europese als Buitenlandse inmenging boezemen blijkbaar vrees in, en al deze heisa heeft Ed Milliband doen beloven niet met de SNP in zee te gaan. Op zijn beurt is dat weer olie op het vuur voor Schotten die zich niet gehoord voelen in Westminster. Dit sentiment speelde een grote rol in het onafhankelijkheidsdebat vorig jaar, en als het door de vorming van een regering zonder een enkel Schots parlementslid weer aanwakkert kan het tot een vervroegd volgend referendum leiden. Al met al zit het Verenigd Koninkrijk in zijn maag met Schotland en de SNP, en komen inhoudelijke punten van de verschillende partijen maar mondjesmaat aan bod.

Het Schotse zelfonderzoek naar de legitimiteit en wenselijkheid van hun regering breidt zich nu uit naar de rest van het Verenigd Koninkrijk. Vooralsnog leiden de vragen vooral tot persoonlijk gekissebis, breed uitgemeten apocalyptische toekomstscenario’s en de constatering dat ook vrouwen goede politici kunnen zijn. Vooral SNP-voorzitter Nicola Sturgeon heeft indruk gemaakt, al is haar gebrek aan souplesse op hoge hakken sommige tabloids een doorn in het oog. Wellicht wensen sommige politici in Westminster nu dat Schotland vorig jaar wel als onafhankelijk land verder was gegaan, aangezien het politieke landschap er niet eenvoudiger op is geworden. Bovendien zouden ze zich gevrijwaard weten van vijftig parlementariërs gestoken in dassen met een zwart-grijs-en-mosterdgele ruit.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven