Still uit Pantser Kruiser Potemkin (1925) / Sergej EIsenstein

Het gebrek aan internationaal recht op de Krim

Na een oproep door president Poetin besloot het Russisch parlement op 1 maart 2014 troepen Oekraïens grondgebied in te sturen. Vervolgens ondertekende Poetin op 21 maart 2014 door zijn regering opgestelde wetten, waarmee de Krim volgens hem onafhankelijk werd. Deze ogenschijnlijke tegenstrijdigheid roept vragen op. Vragen die vaker rijzen wanneer legereenheden zonder toestemming een land binnenvallen zoals: 'Mag dat?' en 'Wat gebeurt er als het niet mag en het toch gebeurt?'

Internationaal recht wordt ten onrechte doodverklaard in dergelijke crisissituaties. Maar in feite is het net als de fietsenmarkt in Nederland. Een junk steelt elke week op dezelfde gracht een fiets. Iedereen weet dat hij fietsen steelt en iedereen weet dat het niet mag. Soms komt hij er toch mee weg. Ligt de fout in dit geval bij het Nederlands strafrecht? Zou het wetboek van strafrecht er net zo goed niet kunnen zijn? Ik denk van niet.

Het feit dat het internationaal recht weinig soelaas biedt en Poetin op de Krim zijn gang kan gaan, is niet bevorderlijk voor het vertrouwen in de effectiviteit van internationale regelgeving. Het is niet de eerste keer dat fundamentele internationale afspraken niet worden nagekomen en hier weinig consequenties aan verbonden zijn. Volgens critici is dit een gebrek van het rechtssysteem zelf. Een analyse over de recente gebeurtenissen op de Krim vanuit het perspectief van het internationaal recht biedt inzicht in de pijnpunten, maar juist ook in de kracht van dit rechtsgebied.

 Een junk steelt elke week op dezelfde gracht een fiets.

De twee sleutelbegrijppen bij de vraag of de Russische regering internationale wetgeving opzij zet door de Krim te bezetten zijn: territorialiteit en soevereiniteit. Territorialiteit houdt de afbakening van een stuk land als behorend aan een groep in.  Dit kent regeringen een geografisch kader toe. Soevereiniteit is vervolgens de exclusieve vrijheid van die groep om te beschikken over dat stuk land. Dit stelt regeringen in staat hun land zonder inmenging van andere overheden te besturen. De wisselwerking tussen deze begrippen staat aan de wieg van het internationale rechtssysteem en vormt het fundament ervan. Deze principes brengen zowel een recht als een plicht met zich mee: aan de ene kant zijn overheden vrij om te beschikken over hun grondgebied, anderzijds hebben zij de verplichting dit recht van andere regeringen te respecteren.

In verdragen tussen regeringen zijn het recht op soevereiniteit en de verplichting dit recht te eerbiedigen vastgelegd. Het is ook een van de grondslagen van de Verenigde Naties: artikel 2 lid 4 van het Handvest van de Verenigde Naties gebiedt lidstaten zich te onthouden 'van bedreiging met of het gebruik van geweld tegen de territoriale integriteit of de politieke onafhankelijkheid van een staat'. Ook hebben Rusland en Oekraïne onderling afspraken gemaakt die inbreuken op soevereiniteit moeten voorkomen. In het vriendschapsverdrag tussen Rusland en Oekraïne van 1997 werd verwezen naar het Handvest en het respecteren van territoriale integriteit.[1] Rusland is door deze verdragen gebonden zich aan deze afspraken te houden. Bovendien is het verbod op het bezetten van grondgebied van een andere staat bevestigd in internationale rechtspraak.

Volgens het Westelijk deel van de internationale gemeenschap en de Oekraïense regering wordt het schiereiland feitelijk geannexeerd door legereenheden naar de Krim te sturen zonder toestemming van de Oekraïense regering. Op het eerste gezicht lijkt het erop dat de handelingen van Poetin strijdig zijn met het internationaal recht. Immers, de Russische regering stuurt legereenheden naar een soevereine staat en verklaart vervolgens dat een stuk land zich afscheidt. De Russische regering meent daarentegen dat zowel het sturen van troepen als de annexatie gerechtvaardigd is. Ter bescherming van Russen op de Krim zou het binnenvallen met militairen, zonder toestemming van de Oekraïense overheid, zelfs volgens de internationale regels zijn.[2] Afscheiding van het schiereiland zou berusten op het recht op zelfbeschikking van de daar wonende Russen.[3]

Toch zijn de argumenten aangedragen door Poetin onvoldoende om militair ingrijpen te rechtvaardigen. Ten eerste biedt een beroep op bescherming van ‘Russen’ op de Krim niet direct de mogelijkheid om troepen te sturen. Een acute bedreiging van het leven of de mensenrechten van deze groep ontbreekt, evenals een duidelijke omschrijving van de personen uit wie deze groep bestaat. Het recht op zelfbeschikking is neergelegd in, onder andere, het internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten. De verdragsstaten hebben bij het opstellen van deze bepaling beoogd te garanderen dat groepen mensen vrij zijn hun politieke status te bepalen, maar wel binnen de staat waarin zij zich bevinden. Afscheiding door een groep van hun staat door een beroep te doen op het recht op zelfbeschikking is dan ook zelden geaccepteerd door de internationale gemeenschap.

Het is niet waarschijnlijk dat Poetin op grond van het internationaal recht zijn gelijk krijgt - maar maakt dat uit?

Het is niet waarschijnlijk dat Poetin op grond van het internationaal recht zijn gelijk krijgt - maar maakt dat uit? Het internationaal recht biedt de overige partijen de mogelijkheid iets te doen wanneer een regering regels overtreedt waaraan zij zich heeft gebonden. Zo kunnen economische en diplomatieke sancties worden getroffen. Ook kan de regering die vermoedelijk in overtreding is (achteraf) voor het internationaal gerechtshof worden gedaagd. In uitzonderlijke gevallen en met toestemming van de VN Veiligheidsraad kan militaire interventie plaatsvinden. Alleen, dat deze maatregelen bestaan wil niet zeggen dat ze uniform worden toegepast. Zelfs als blijkt dat op de Krim internationale regels worden overtreden zullen ingrijpende rechtsmiddelen waarschijnlijk niet  worden ingezet. Dit heeft alles te maken met de verstrengeling van het internationaal recht met politieke belangen, dat handhavend optreden op juridische basis in de weg staat. Het gebrek aan daadkracht van de VN, deels te wijten aan diplomatieke verhoudingen, draagt hier niet aan bij.

Ondanks dat naleving niet altijd wordt afgedwongen is het internationaal recht in veel gevallen wel effectief. Genoeg internationale afspraken, die zonder codificatie niet duidelijk of bindend zouden zijn, worden zonder veel problemen nagekomen.[4] Bovendien wordt vergeten dat wetgeving en handhaving ondanks hun verbondenheid twee afzonderlijke instanties zijn. Wanneer de wet overtreden wordt en dit niet (direct) wordt gestraft, doet dit niet af aan het bestaan(srecht) van de geschonden norm. Internationale wetgeving zou effectiever zijn wanneer er een sterke politionele macht achter zou staan. Het feit dat dit (op dit moment)  niet te realiseren is doet echter niet af aan het rechtssysteem als instantie en de mogelijkheden die het biedt. Wetsovertreders worden niet altijd tot verantwoording geroepen en dat is vervelend, maar dit ligt niet aan de regels die zij overtreden.

[1] 31 mei 1997, Treaty on friendship, cooperation and partnership between the Russian Federation and Ukraine, art. 2.

[2] Bescherming van burgers op buitenlands grondgebied is een controversieel onderwerp binnen de internationale gemeenschap maar wordt door sommigen als legitiem middel gezien. Zie ook Shaw 2008, International Law, p. 1144.

[3] Een voorbeeld van de bevestiging van dit recht door de internationale gemeenschap was het moment waarop Kosovo zich afscheidde van Servië.

[4] Een goed voorbeeld hiervan zijn mileuverdragen.

Gerelateerde artikelen
Reacties
1 Reactie
  • Ik vind dat hier wel heel selectief wordt omgegaan met het recht op zelfbeschikking. Niet alleen wat het betreft de morele interpretatie daarvan, maar zelfs de internationaal rechtelijke:

    UN res 2625 (1970): "Nothing [...] shall be construed as authorizing or encouraging any action which would dismember or impair [...] the territorial integrity or political unity of sovereign and independent States conducting themselves in compliance with the principle of equal rights and self-determination of peoples as described above and thus possessed of a government representing the whole people belonging to the territory without distinction as to race, creed or colour".

    Het lijkt mij vrij evident dat het impliciete argument waarop de Russen zich beroepen is dat de nieuwe macht in Kiev niet het zelfbeschikkingsrecht van de Russen honoreerde, alleen al door de machtsovername zelf en de deelname van Oekraiense nationalisten. Het referendum, waarin het Oekraiense volk zich uitspraak voor inlijving, werd niet gehonoreerd door Oekraiene, en daarmee handelde Oekraiene dus tegen het recht op zelfbeschikking en daardoor kan de aansluiting bij Rusland dus wel degelijk verdedigd worden op basis van deze passages. Ik zeg niet dat de redenering aansluit bij de praktijk bij wat er gebeurd is in de Krim, maar om het recht op zelfbeschikking weg te zetten met enkel verwijzing naar de integriteit van staten, zonder in te gaan op de details, vind ik kwalijk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven