Foto: ANP

De oorlogsmetaforiek van Wilders

Vuurwerkbommen gingen af buiten de raadszaal van Geldermalsen, woningen werden beklad met racistische leuzen in Deventer en Oss en twee auto’s van een GroenLinks-raadslid gingen in vlammen op in Wormerland. Wilders riep op tot verzet tegen de ‘massa-immigratie’, maar berichtte onlangs in een tweet dat hij dit geweld afkeurde. Sociaal historicus Leo Lucassen stelde in het AD dat Wilders’ berisping zo geen enkele zin heeft: ‘Als grote partijen zoals de PVV oproepen tot verzet, dan moet je niet raar opkijken dat dat ook echt gebeurt.’ Onderzoeken in de psychologie en taalwetenschap bevestigen Lucassens stelling. Wilders’ retoriek schildert een strijd tussen vreemde indringers, een slappe overheid, en bedreigde burgers. Zijn belangrijkste penseel is de metafoor. Dit stijlfiguur is meer dan een tekstueel ornament waardoor een redevoering gaat leven: metaforiek vormt onze blik op de wereld, en – belangrijker nog – stuurt onze daden in die wereld.

In maart 2015 hield Wilders een speech voor de Oostenrijkse rechts-nationalistische partij FPÖ in de Hofburg van Wenen. Naar aanleiding van deze toespraak onderzoekt het Oostenrijkse OM nu of ze de politicus kunnen vervolgen voor haatzaaiing. NRC en Trouw richtten zich in hun berichtgeving voornamelijk op de vergelijkingen die Wilders maakte tussen het fascisme en de islam: Wilders vergeleek de Koran bijvoorbeeld met Mein Kampf. Voor Oostenrijk – een land dat nog altijd moeite heeft met zijn oorlogsverleden – een schokkende uitspraak. In Nederland zijn we er, jammer genoeg, al aan gewend geraakt.

Metaforiek vormt en stuurt onze daden in de wereld

Interessanter is daarom een artikel van Telegraaf-journalist Jan-Willem Navis (28 juli 2015): Navis legt in zijn stuk de nadruk op een oorlogsmetafoor die Wilders gebruikte. Wilders herinnerde zijn Oostenrijkse zielsverwanten aan de strijd die in 1683 rond de muren van hun hoofdstad werd gevoerd. Europese legers stopten toen, bij de poorten van Wenen, de opmars van het Ottomaanse Rijk. Wilders zei: ‘We hebben nu ook een duidelijke boodschap voor de islam: u zult Wenen niet overwinnen.’

De woorden ‘nu ook’ in dit citaat zijn belangrijk. Wilders stelt zo impliciet dat Europa al eeuwen in een gevecht is verwikkeld met – zoals hij het noemt – de ‘islamitische beestachtigheid’. Een oorlog die misschien al wel woedde toen Karel Martel tegen de Moren van het emiraat Córdoba streed. Nu woedt de strijd nog steeds, maar dan op een sluwere manier. Met strijders wiens schilden zijn vervangen door schotelantennes en wiens zwaarden Almeerse minaretten zijn. In plaats van de brandende pek over de kantelen te gooien, openen de verraders onze poorten met asielprocedures. En Wilders? Die gaat als een generaal voor in de strijd op de nieuwe slagvelden,.

Maarten van Leeuwen – taalkundige aan de Universiteit Leiden – schrijft dat Wilders slim gebruikmaakt van oorlogsmetaforiek. Wie zich er eenmaal bewust van is, ziet het constant in speeches, debatten en tweets van de politicus terugkomen. Woorden als ‘strijd’, ‘capituleren’, ‘de aftocht blazen’ en zelfs ‘D-Day’ komen langs. Hij zet in zijn oorlogszuchtige taalgebruik een ogenschijnlijk duidelijke vijand neer: de islam. Wilders kan zijn politieke tegenstanders vervolgens neerzetten als lafhartige ontkenners of, erger nog, verraders. Zo werd Mark Rutte door hem vergeleken met de naïeve Britse premier Neville Chamberlain, die in aanloop naar de Tweede Wereldoorlog het nazistische gevaar schromelijk onderschatte.

Wilders’ oorlogsmetaforiek heeft meer impact dan hij ons zelf doet geloven. In 1980 verscheen het boek Metaphors We Live By van de taalwetenschappers George Lakoff en Mark Johnson. In deze grensverleggende studie betogen ze hoe onze werkelijkheid wordt gevormd door metaforen. Lakoff en Johnson definiëren de essentie van de metafoor als het “begrijpen en ervaren van iets in de termen van iets anders”. Door de komst van niet-Westerse minderheden metaforisch te definiëren als een oorlog, ervaren sommigen deze internationale verhuizing van een relatief groot aantal mensen ook ‘echt’ als een oorlog.

Zo ervaren sommigen deze internationale verhuizing ook 'echt' als oorlog

Dit blijft niet zonder consequenties: in een groot onderzoek probeerden psychologen van Stanford het effect van metaforisch taalgebruik op de redenering van mensen te meten. Twee groepen proefpersonen kregen teksten te lezen over de stijgende misdaadcijfers in een fictieve stad. De feiten waren hetzelfde, de beginzin was anders. De ene groep las een tekst waarin het probleem werd vergeleken met een virus, de andere groep las een tekst waar het in werd gepresenteerd als een beest. Toen de onderzoekers de proefpersonen vroegen naar oplossingen voor de problematiek kwamen beide groepen met andere ideeën. Waar de ‘beest’-groep zich significant meer richtte op harde handhaving van bestaande wetten, zocht de ‘virus’-groep naar oplossingen binnen misdaadpreventie en sociale hervorming. De metafoor had, zonder dat de proefpersonen zich er zelf van bewust waren, hun redenatie en mogelijke handelen gestuurd.

Wilders kan beweren dat hij niet direct oproept tot gewelddadig verzet. Hij schept echter wel degelijk een wereldbeeld waaruit gewelddadig handelen kan voortvloeien. Wilders kan afstand nemen van agressie met een tweet, maar zolang hij zijn mediaoptredens doorspekt met oorlogsmetaforiek zal het weinig invloed hebben. Taal is niet onschuldig, en het gebruik van bepaalde woorden heeft consequenties. Pas als Wilders het verbale zwaard laat zakken, kan het vrede zijn in de hoofden van zijn aanhangers.

Gerelateerde artikelen
Reacties
2 Reacties
  • There is a war between the ones who say there is a war and the ones who say there isn't. - Leonard Cohen

    Als het ter linkerzijde gebeurt ('klassenstrijd' ipv 'bezuinigingen'), vinden jullie het natuurlijk allemaal prachtig.

  • "Strijd" of "klassenstrijd" is geen oorlogsmetafoor en valt zeker niet op één lijn te zetten met "D-day", "capituleren" en "de aftocht blazen". Bovendien, het isoleren van één voorbeeld ("strijd") uit de gehele tekst en dit voorbeeld direct paren met simplistische polariserende retoriek ("ter linkerzijde"; "jullie") getuigt niet echt van een weldoordachte argumentatie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven