Flickr / El Bibliomata

De Sansons

Jean Christophe Sanson zijn werk stond onder druk. Aanvankelijk was het zo prettig geweest: soms wat drukker dan anders, maar er was tenminste actie. Het menselijke aspect en de technologische vooruitgang van de laatste tijd maakten het afwisselend. Je kon je zegmaar blijven ontwikkelen. Je ding doen, weliswaar in uniform.

Maar toch had JC het net niet lekker aangepakt – zijn familie, en dan vooral oom Charles, domineerde in zijn vakgebied en deelde de lakens uit in de hoofdstad, terwijl hij in Rennes zijn hoofd boven water probeerde te houden.

Jean Christophe was beul.

Zijn vak was volledig veranderd sinds de komst van de guillotine en door de efficiëntie was hij bijna wegbezuinigd, maar zijn goede naam en familiebanden hadden hem op zijn plek gehouden. Met alle monden die hij thuis moest voeden had hij het druk genoeg. Door alle adel die het loodje moest leggen was zijn freelancestatus veranderd en dus verzilverd in een vast contract - maar die gekmakende drukte! Nu eens prins het-proletariaat-kan-mijn-welgevormde-rug-op, dan weer barones ik-wou-alleen-maar-schoenen-kopen! En de menigtes die er op afkwamen maakten van neef Sanson niet de beste beul.

Zijn vak was volledig veranderd sinds de komst van de guillotine.

Hij had voor deze drukke dag een extra snee roggebrood met noten van Marie meegekregen en zijn kleren waren vers voor hem wat schoongemaakt – de knappende bloedkorsten eraf gepeuterd die op het zwart van zijn pak toch zichtbaar waren. Wat was ze toch attent! Ze snapte de spanning van deze dag, al waren de ogen vooral gericht op de spanningen in Parijs, want daar zou oom Charles vandaag de koning om gaan brengen. Een waar spektakel, hij zou vast zijn godvergeten glitterpak aantrekken om het allemaal om hem te laten draaien.

JC trok zijn kap over zijn hoofd en zag het voor zich: eerst was de Markiezin de Méricourt aan de beurt, dan de van hekserij betichtte buurvrouw (haar soep was wel de beste van de straat), en aan elke vinger nog een baron of jonkheer. Het mes was scherper dan ooit, de touwen gladgestreken, de handen van de veroordeelden op hun ruggen vastgebonden, de metalen bak voor de op te vangen hoofden blinkte voor gebruik. Jean Christophe had er moeite ingestoken; zij kwamen goed voorbereid aan hun einde.

“Papa! Waarom denkt mama altijd meer aan jou dan aan ons?!” Jean Philippe was meegekomen om een dagje mee te draaien bij zijn vader in het bedrijf. Als ambtenaar moest Jean Christophe daar nu ook aan geloven.

Het stuk roggebrood lag aangeboord, de jongen intussen op de grond “NOOOONN JEAN-PHI” het is niet waar, schokkend en rillend was de notenallergie van de jongen op gang gekomen, zijn hoofd tegen de tafel gestoten, zijn handen door de aanval niet aanwezig voor het breken van zijn val, zijn rechteroog hing nieuw aan de spijker die de tafel uitstak, het bloed vormde een krans rond zijn ingedeukte hoofd.

De familie Sanson was een beulentelg verloren.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven