Flickr / Ben Mortimer Photography

Donderdag

Patrick van hiernaast trouwde om zijn kinderen, of beter gezegd: zijn vrouw wilde trouwen om de kinderen. Het was goed je kinderen bij zo'n grote gebeurtenis te betrekken, vond ze. Zodat ze in zouden zien hoe belangrijk het is elkaar lief te hebben. Ze trouwden vorig jaar zomer, ik was uitgenodigd voor het tuinfeest achteraf. Jake zou nu elf geweest zijn. Kun je een kind dan nog in laten zien hoe belangrijk het is om van elkaar te houden? Hoe belangrijk het is om die liefde te bezegelen? Een kind kan de ringen dragen, op een kussen, in een doosje. Ik vind het altijd iets treurigs hebben, een kind in een smoking of een kanten jurk. Hun smetteloze vingers uit een smetteloos overhemd, omdat het van hun ouders moet. Als kind droeg ik mijn spijkerbroek soms drie weken achter elkaar. Mijn moeder haalde het niet in haar hoofd hem te wassen, binnen een dag zou het opnieuw moeten gebeuren.

Door het raam van de woonkamer zie ik dat een blonde jongen het pad naar mijn voordeur op loopt. Hij ziet niet dat ik naar hem kijk en belt aan. Ik strijk de haren op mijn hoofd glad, veeg mijn mondhoeken af. Ik kuch eenmaal. Op de mat staat hij stil, en dan herken ik hem als de zoon van Patrick. Dennis, als ik me niet vergis. Hij draagt een gestreept shirt, zijn haar is gemillimeterd. Met een hand pulkt hij aan zijn broek, dan kijkt hij me aan.

‘Dag meneer, heeft u misschien nog een heitje voor een karweitje?’

‘Wat is dat?’ vraag ik.

‘Of u nog een klusje heeft dat ik mag doen, voor geld.’

‘Ik doe al mijn klusjes zelf.’

‘Ik spaar voor een radiografische helicopter. Ik kan uw auto wassen.’

Met zijn linkervoet schuift hij het grind dat op de oprit ligt heen en weer. Zijn witte gympen zijn afgetrapt. Eén van zijn veters is los. Hij ziet het niet, hij kijkt naar mij. Ik pluk een denkbeeldig pluisje van mijn shirt.

‘Mijn auto is vorige week nog naar de wasstraat geweest.’

‘Ik kan ook uw gras maaien. U bent de enige in de straat die ik nog niet gehad heb. Alle klusjes zijn op.’

‘Mijn klusjes zijn ook op. Ik houd ervan als mijn gras wat langer is. Het spijt me, Dennis.’

‘Derick. Ik heet Derick.’

‘Ik spaar voor een radiografische helicopter. Ik kan uw auto wassen.’

Hij schopt wat steentjes voor zich uit en sloft met zijn handen in zijn zakken weg. Ik kijk hem na. Aan het eind van het grindpad duwt hij het hekje met zijn voet open, het piept als het met kracht weer in zijn slot valt.

'Derick?' vraag ik.
Hij kijkt om en duwt met zijn voet het houten hekje weer open. 'Ja?'

'Wat doe je aankomende zaterdag?' Ik steek mijn handen in mijn zakken op dezelfde manier als hij.

'Weet ik veel,' zegt hij. 'Ik weet nooit wat ik in het weekend doe, mijn ouders willen vast iets leuks gaan doen. Of iets waarvan ze denken dat ik het leuk vind. Midgetgolfen, of zo.' Hij staat nog steeds achter het hekje. Steeds voordat het ijzer in het slot valt, geeft hij een korte schop tegen het hout en zwaait het poortje opnieuw open. 'Hoezo?'

Derick is misschien te jong voor het stijlvol dragen van een smoking, maar oud genoeg om hem niet binnen een half uur vies te maken. Een strik is misschien een goed idee, een kleine, niet te strak om zijn hals. Hij mag zelf kiezen welke schoenen hij onder zijn nette broek draagt, daar heb ik geen problemen mee. Het geven van de trouwringen is vast spannender dan een balletje in een gat slaan op een vastgelegd parcours.

'Mag jij al alleen thuis blijven?' vraag ik. Ik duw mijn handen dieper in de zakken van mijn spijkerbroek.

'Soms,' zegt hij. 'Vorige week nog, toen heb ik een sigaret van mijn vader gestolen en opgerookt achter de schuur.' Derick haalt zijn linkerhand door zijn haar, het valt meteen terug in het wat suf geknipte model. Ik wist niet dat Patrick rookte.

'En zaterdag, denk je?'

De schoenen die hij nu draagt zijn van het merk Adidas. Als het zijn lievelingsschoenen zijn, mag hij ze dragen, zaterdagochtend. De ringen in een doosje, niet op een kussen. Zou hij het deksel openklappen voordat hij van zijn stoel opstaat, of pas bij het altaar? Ik zou hem zeggen het laatste te doen. Daarna mag hij weer gaan zitten, ik houd het lege doosje bij me.

'Zaterdag niet, dan gaan we wat leuks doen. Dat zei ik net. En je hebt nog geen antwoord gegeven op mijn vraag. Waarom wil je weten wat ik doe, dit weekend? Heb je toch een klusje voor me?' Het hek slaat dicht, hij zet zijn been er bovenop en leunt met zijn armen op zijn knie.

'Laat maar, Derick. Ik heb me vergist, ik heb geen klus voor je. Veel plezier met je ouders, doe ze de groeten van me.'

Ik sluit de deur zonder zijn antwoord af te wachten.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven