By David Iliff. License: CC-BY-SA 3.0.

Het democratisch overschot in Brussel

Als er iets gebleken is uit het Brexitreferendum, is het wel dat de voorstanders van de Brexit heel goed in staat waren om de Europese Unie te framen als een bureaucratisch, niet transparant en ondemocratisch monster. Ook in Nederland wordt vaak het democratisch tekort van de Europese Unie benoemd. Dit feitelijk onjuiste beeld vindt paradoxaal genoeg zijn oorzaak in de overdemocratisering van de Europese Unie.

Voordat we over het democratisch tekort kunnen spreken is het van belang om de vraag te stellen hoe de Europese Unie in elkaar steekt. Het is gangbaar om te spreken over ‘Brussel’ dat besluiten neemt, of de ‘Brusselse technocraten’ die hun wil opleggen. Maar wat is Brussel? En waar zetelen deze technocraten dan precies? De drie belangrijkste instituties van de Europese Unie zijn het Parlement, de Commissie en de (Europese) Raad. Het parlement wordt samengesteld op basis van verkiezingen door de bevolking van de lidstaten. De Europese Raad bestaat uit de 28 regeringsleiders van de verschillende lidstaten, waarvan sommige direct worden gekozen, zoals in Frankrijk, en andere indirect, zoals in Nederland. De regeringsleiders bepalen in belangrijke mate de samenstelling van de Europese Commissie: de Europese Raad doet een voordracht, het Parlement moet vervolgens instemmen met de kandidaten.

Net als in Nederland is de wetgevende taak toebedeeld aan twee instituties: aan het Parlement en de Raad van Ministers. Zowel het gekozen parlement als de niet-gekozen ministers beslissen over Europese wetgeving. De Commissie kan gezien worden als de uitvoerende macht van de Europese Unie, want zij draagt er zorg voor dat Unie wetgeving wordt uitgevoerd. Bovendien heeft de Commissie het recht van initiatief, dat wil zeggen de mogelijkheid om nieuwe wetgeving voor te stellen. Dit lijkt een vreemde gang van zaken, aangezien het parlement – de vertegenwoordigers van het Europese volk – zelf dus geen wetgeving kan voorstellen.

De Europese Unie als bureaucratisch monster is vergezocht

Hier is sprake van een democratisch tekort! Of valt dat wel mee? In Nederland doet zich immers eenzelfde soort situatie voor. De regering heeft als uitvoerende macht het initiatiefrecht en maakt daar ook veelvuldig gebruik van: op dit moment alleen al zijn er meer aanhangige wetsvoorstellen van de regering, dan er in totaal werden ingediend door Tweede Kamerleden tussen 2000 en 2014. Wie kritisch op de Unie is, moet dus ook naar het eigen staatsbestel kijken. Daar komt bij dat de Commissie vaak wetsvoorstellen indient op verzoek van de Raad van Ministers of het Europees Parlement – en het voorstel dus eigenlijk uit de lidstaten zelf komt. Dat moet ook wel, aangezien het ambtenarenapparaat van de Commissie niet veel groter is dan dat van het Nederlandse ministerie van Financiën: bij de commissie werken zo’n 33.000 ambtenaren, bij het ministerie van Financiën bijna 30.000. Alleen al uit deze cijfers blijkt dat het beeld van de Europese Unie als een bureaucratisch monster nogal vergezocht is.

Dat dit beeld wel bestaat komt in belangrijke mate door de institutionele overdemocratisering van de Europese Unie. Deze is gelegen in het feit dat er zowel een Europees Parlement is, op democratische wijze gekozen door de bevolking van de lidstaten, als een Europese Raad, die bestaat uit gekozen of indirect gekozen regeringsleiders en ministers. Het ene orgaan wordt direct gelegitimeerd via Europese verkiezingen, het andere indirect via de nationale verkiezingen. Dikwijls staan deze twee organen tegenover elkaar, althans: zo wordt het regelmatig gepresenteerd. Vaak wijzen nationale regeringsleiders met een beschuldigende vinger naar Brussel als er een onpopulaire maatregel genomen moet worden, maar meestal zeggen zij er niet bij dat deze maatregelen zijn gesteund door hun partij in het Europees Parlement of door hun ministers in de Europese Raad. Deze situatie doet zich voor omdat de nationale vertegenwoordigers een stuk dichter bij de bevolking staan dan de Europarlementariërs: iedereen kent Mark Rutte, maar wie kent er nou een Europarlementariër?

Wie kent er nou een Europarlementariër?

Juist het invoeren van de rechtstreekse verkiezingen van het Europees Parlement heeft in belangrijke mate bijgedragen aan de afstand tussen nationale bevolkingen en de Europese besluitvorming. Voor 1979 werden de leden van het Europese Parlement indirect gekozen vanuit de nationale parlementen. Deze gang van zaken werd als ondemocratisch beschouwd en daarom werden er rechtstreekse Europese verkiezingen ingevoerd. Zoals de Amerikaanse denker Larry Siedentop  terecht opmerkt heeft deze rechtstreekse verkiezing ‘nationale parlementaire klassen een excuus gegeven om zichzelf te distantiëren van het Europese project.’ Er is geen binding tussen nationale parlementen en het Europese project. Hierdoor ontstaat ruimte voor het beeld van het Brusselse bureaucratisch monster: de Tweede Kamer heeft geen direct zicht op wat er in Brussel gebeurt en is dus in belangrijke mate afhankelijk van wat regering en regeringsleider (niet) aan haar vertellen.

Een begin van een oplossing voor het democratisch tekort is dus niet gelegen in institutionele tekortkomingen van de Unie als zodanig, maar veeleer in een legitimiteitstekort van de Europese instellingen.  Het is hierom dat Siedentop pleit voor de oprichting van een Europese Senaat. Door de vertegenwoordigers in de Senaat rechtstreeks te kiezen vanuit de nationale parlementen kan de binding tussen nationale parlementen en het Europese project worden vergroot. Nationale parlementen zullen dan rechtstreeks bij het wetgevingsproces worden betrokken en zij zullen daar ook door de kiezers verantwoordelijk voor worden gehouden. Schuilen achter de regering is dan niet langer mogelijk. Een Senaat kan de Europese Unie meer legitimiteit verlenen en een waarachtiger beeld van de Europese Unie tot stand brengen. Voor nu zullen wij deze taak echter zelf op ons moeten nemen, want er staat te veel op het spel – onze eigen toekomst – om haar te veronachtzamen!

Gerelateerde artikelen
Reacties
2 Reacties
  • Het feit dat het Europees Parlement ver van de Europese bevolking afstaat, heeft er volgens mij vooral mee te maken dat zij geen doorslaggevende rol speelt als het er echt toe doet: zie de Eurocrisis of de vluchtenlingendeals. Op zulke momenten wordt alles achter gesloten deuren geregeld in de Europese Raad of de Eurogroep. Hier ligt wel degelijk een groot democratisch tekort. Vanwege de geringe rol van het EP, besteden media er dan ook niet of nauwelijks aandacht aan, waardoor niemand bekend raakt met de Europarlementariërs. Een grotere rol voor het EP lijkt mij bittere noodzaak voor een democratische EU.

  • Beste Willem,

    Daar heb je zeker een punt! In mijn stuk kon ik slechts een tipje van de sluier oplichten, maar een echte Europese democratie vereist niet alleen een Senaat (ter vervanging van de Europese Raad, bovendien!) maar natuurlijk ook een volwaardig parlement. De crux van de EU zit hem nou juist in het feit dat er teveel instituties zijn die het volk vertegenwoordigen (dus en de Raad en het Parlement) en dat ook nog eens doen op verschillende terreinen (EU = economisch, nationaal = sociaal en politiek). Dit maakt het mogelijk dat de EU verwordt en wordt afgeschilderd als een technocratisch, economisch project. Dit is alleen niet iets waar de Europese Unie 'zelf' iets aan kan doen: het zijn de regeringsleiders in de vorm van de Europese Raad die bepalen welke koers de Unie vaart en hoe zij aan het publiek gepresenteerd wordt. Zij verhinderen dat de EU de grote problemen van onze tijd (migratie, geopolitiek) kan aanpakken, omdat zij uit naam van 'nationale soevereiniteit' de EU als een a-politiek, economisch instrument behandelen. Dat is iets wat het grote publiek dient te beseffen! de EU zelf, Europa, is niet het probleem, maar juist het onvermogen van onze 'elites' om daadwerkelijk te zorgen voor een werkend, democratisch en transparant systeem. Voor een goede analyse zou je eigenlijk het boek "Warum Europa ein Republic werden müsst!" van Ulrike Guerot moeten lezen en de geschriften van Jurgen Habermas over de EU zijn ook erg goed.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven