Flickr / eschipul

Het grote nanodilemma

Steeds meer producten voor consumenten en industrie bevatten nanotechnologie; kijk eens op een tube zonnebrandcrème, pot verf of schoensmeer en geheid bevat het nanodeeltjes of -technologie. De beloftes over innovatie in de nanotechnologie zijn groot; een betere waterzuivering, gezondere voeding en zelfs een grotere hersencapaciteit liggen binnen handbereik. Grote beloftes doen echter vermoeden dat evenzo grote gevaren op de loer liggen. De afwezigheid van kennis over deze gevaren maakt het lastig deze technologieën te beoordelen. De omgang met nanotechnologie vraagt dan ook om een benadering waarbij dialoog over de aanvaardbaarheid van onzekerheid centraal staat.

De ontwikkelingen in de nanotechnologie staan niet op zichzelf, ervaringen met gentechnologie beïnvloeden sterk onze omgang met en beleid rond nanotechnologie. Zo hebben de Europese burgers niet erg enthousiast gereageerd op gentechnologie en vooral de productie van genetische gemodificeerde gewassen voor voedselconsumptie zorgde voor veel onrust. Men was (en is) bang voor ziektes veroorzaakt door het eten van dit voedsel, maar veel wetenschappelijk bewijs is hier nog niet voor gevonden. Twee weken geleden werden deze angsten wederom gevoed toen in een Franse muisstudie een sterke toename in lever- en nierfalen en tumoren gevonden werd na het eten van genetisch gemodificeerde mais.[1]

Terwijl men in Europa aan het bakkeleien was over potentiele gezondheids- en milieueffecten en daarop volgende beperkingen op het aanplanten van deze gewassen, ontwikkelden onze concurrenten gewoon verder. Industrie en overheden sluiten niet uit dat dit scenario, van publieke onrust en afwijzing, zich ook rondom nanotechnologie zou kunnen afspelen. Een belangrijke reden dus om al in een vroeg stadium sociale onrust, ethische gevoeligheden en juridische vraagstukken rondom nanotechnologie in kaart te brengen.

Als we de kansen van nanotechnologie willen blijven benutten, dienen we de dialoog aan te gaan over de acceptatie van onzekerheid.

Ontwikkelingen in de nanotechnologie gaan snel, dit maakt het nemen van beslissingen over ethische aanvaardbaarheid lastig. Ondanks deze snelle ontwikkeling is er weinig bekend over nadelige gevolgen voor gezondheid, milieu en samenleving. De voordelen komen veel sneller aan het licht dan de nadelen maar zonder een volledig beeld is het lastig om gewogen beslissingen nemen. In 1980 heeft David Collingridge dit probleem, het ‘dilemma of control’[2], beschreven. Wanneer we nieuwe technologie introduceren, zegt Collingridge, hebben we een tekort aan informatie over mogelijke gevaren die daarmee samen hangen, daarom is het lastig te besluiten of de betreffende technologie sterker gecontroleerd of wellicht zelfs verboden zou moeten worden. In de jaren 30 werd de introductie van cfk’s gezien als een veiliger en goedkoper alternatief voor toen gangbare en zeer brandbare koelstoffen, zoals ammoniak en zwaveldioxide. Toen jaren later bleek dat de ozonlaag zwaar beschadigd raakte door het gebruik van deze drijfgassen, een gevolg dat niemand had voorzien, was het gebruik van cfk’s zo wijdverspreid in onze samenleving dat het veel moeite en geld kost ons daarvan te ontdoen.

Dit dilemma komt duidelijk naar voren in de discussies over veiligheids- en gezondheidsaspecten van het werken met nanodeeltjes. Deeltjes op nanoschaal hebben nieuwe eigenschappen, ze hebben andere kleuren, zijn anders elektrisch geladen en zijn vaak veel actiever dan hun grote broers. Door deze nieuwe eigenschappen kan men niet vertrouwen op kennis en ervaring over het gedrag van bestaande deeltjes om gezondheidseffecten te voorspellen. Dit probleem beïnvloedt de discussies die worden gevoerd over beheersmaatregelen zoals mondkapjes en afzuiging. Als iemand met nanodeeltjes werkt, wat biedt dan werkelijk bescherming? Toegegeven, Nederland heeft een geoliede arbo-machine van werknemers- en werkgeversorganisaties maar ook zij lopen bij gebrek aan informatie tegen grenzen aan. Het blijft moeilijk oordelen over risico’s, verbieden van specifieke deeltjes, vaststellen van blootstellingsgrenswaarden of het ‘ veilig verklaren’ van deeltjes.

Als we de kansen van nanotechnologie willen blijven benutten, dienen we de dialoog aan te gaan over de acceptatie van onzekerheid. Een manier om mens en milieu te beschermen tegen gevaren is het stopzetten van ontwikkelingen in de nanotechnologie, maar dit zou net als bij gentechnologie een sterke rem op technologische en economische vooruitgang betekenen. Bovendien stimuleert de Nederlandse overheid innovatie in de nanotechnologie. Het is dus belangrijk dat we als samenleving leren omgaan met risico’s en onzekerheden.

Het omarmen van innovatie brengt de nodige risico’s met zich mee.

We gaan natuurlijk al jaren met onbekende risico’s om: we wonen langs snelwegen, roken flinke hoeveelheden tabak en eten nog steeds dubieuze zalm. De waarheid ligt dus ergens in het midden, maar om dit midden te vinden staat onze democratie een grote taak te wachten: Hoeveel en welke onzekerheden zouden we als samenleving moeten accepteren? Wie plukt de vruchten en wie moet wie beschermen tegen onzekere technologieën? Om met nanotechnologie en de onzekerheid daaromheen om te gaan moeten we dus als samenleving bereid zijn te leren van elkaar, ruimte te geven voor alternatieve visies op nanotechnologie en te praten over angsten van burgers (in plaats van hen afdoen als irrationeel).

Het belangrijkste is misschien nog wel dat we accepteren dat het onze eigen technologieën zijn die een toekomst vol onzekerheid en verrassingen brengen, zonder onnodige en onterechte angst te zaaien. Het omarmen van innovatie brengt de nodige risico’s met zich mee en we moeten als samenleving maar snel beslissen of we daarmee om willen gaan.


[1] Séralini, G Clair, E et al. 2012 Long term toxicity of a Roundup herbicide and a Roundup-tolerant genetically modified maize. Food and Chemical Toxicology, Volume 50, Issue 11, , Pages 4221–4231

[2] Collingridge, D 1980 The Social Control of Technology. New York: St. Martin's Press; London: Pinter

Gerelateerde artikelen
Reacties
8 Reacties
  • Misschien goed om te vermelden dat het Franse muizenonderzoek vrij controversieel is. Er zijn grote twijfels over de juistheid van de conclusies en de opzet van het onderzoek. Een kleine noot, maar wellicht goed om te weten. Helaas is de angst inderdaad al gezaaid.
    (http://www.science20.com/science_20/blog/gm_maize_causes_tumors_rats_here_how_experts_responded-94259)

    Wat voedsel en genmodificaties betreft, (niet de kern van het stuk, maar wellicht is een kleine vertaalslag mogelijk) is het bizar hoe voorzichtig Europa is. De voordelen voor de landbouw zijn enorm. De aardappelteelt heeft bijvoorbeeld enorm te kampen met schimmels die halve oogsten kapot maken. Om dat te voorkomen wordt als een gek gespoten. Duur, niet gezond, maar al lange tijd geaccepteerd. Wageningen heeft inmiddels aardappels weten te kweken die schimmelresistent zijn, maar gebruik wordt tegen gegaan.

    We zijn voorzichtig en deze voorzichtigheid is begrijpelijk, waarom zouden we risico's nemen? Wij hebben de innovatie niet nodig. Er is eten genoeg in Europa. Never change a 'winning' team. In Zuid-Amerika en andere arme landen ligt dit anders en wordt veelvuldig gebruik gemaakt van genetisch gemanipuleerd voedsel. Het zal ze een worst wezen wat er op hun bord ligt, als het maar goedkoop is. En minder kans op het mislukken van de oogst maakt de zaken goedkoper.

    Discussies kunnen gevoerd worden, maar veel zin heeft het niet. Zolang Nederland geen honger lijdt en geld genoeg heeft voor dure bestrijdingsmiddelen zullen deze technologieën het lab niet ten faveure van Nederland uit komen.

  • Gerbrand Spaans,

    Wat is dan precies nanotechnologie? Kan je met een concreet voorbeeld komen? Ik kan me niet afwenden van het gevoel met een buzz-word (the cloud, outsourcen) te maken te hebben en heb daardoor geen beld met wat onder nanotechnologie wordt bedoeld.

  • Shannon Spruit,

    Hoi Amit,

    Je brengt een interessant punt naar voren. Ik weet niet of het helemaal waar is dat onderzoek en productie van technologie voor niet-westerse problemen niet gebeurt in westerse landen. Natuurlijk zijn er veel voorbeelden van medicijnontwikkeling e.d. dat uitblijft omdat desbetreffende ziektes niet in het westen rondwaren. Tegelijkertijd worden er wel producten ontwikkeld voor niet-westerse afzetmarkten. Jammer genoeg is dat veel meer een financiele overweging dan dat men 'het algemeen' belang voorop heeft staan. Ik ben het dus niet helemaal eens met je laatste zin. 'Ten faveure van Nederland' kan ook betekenen dat we financieel gewin halen (in tegenstelling tot het oplossen van onze problemen).

  • Shannon Spruit,

    Dat is een deel van het probleem waar ik te weinig woorden voor had om te beschrijven. Nano is momenteel een containerbegrip waar vooral in de onderzoekswereld geld mee binnen te halen is. Het is niet een technologie,maar een veelheid aan technologieen met nog meer verschillende toepassingen. Deze technologieen hebben gemeen dat ze zich op nanoschaal plaatsvinden. Dus of deeltjes zijn die in een dimensie tot 100 nanometer groot zijn (officiele europese commissie definitie) of op nanoschaal materialen manipuleren (hele kleine microchips vallen hier ook onder).
    Het feit dat je geen volledig beeld hebt van nanotechnologie is dus logisch omdat het begrip allesomvattend is. In de praktijk is het daarmee een slecht afgebakend vakgebied, veel artikelen over nanowetenschap en nanotechnologie zouden wat mij betreft ook onder de biomedische wetenschappen kunnen vallen (wellicht met een iets sterkere nadruk op scheikunde of natuurkunde).
    De nanodeeltjes waar ik hierboven over schrijf zijn daarentegen wel iets concreter, dat zijn nieuwe deeltjes, grotere moleculen, tot 100 nanometer groot. Er worden dus nieuwe materialen/stoffen gemaakt die door hun grootte nieuwe eigenschappen krijgen (zie het plaatje van zogenaamde 'quantum dots'. Maar ook hierover zeggen mensen dat we het geen 'nano' meer moeten noemen omdat het onterecht onderscheid maakt tussen deeltjes. Zo'n onderscheid zou het doen lijken alsof het potentiele gevaar van niet-nanodeeltjes kleiner of anders is, terwijl die net zo goed giftig voor mens en milieu zijn.

    Goed punt dus, wat is nano nu helemaal?

  • Hey Shannon,

    Bedankt voor je reactie! Ik was denk ik niet helemaal duidelijk in mijn formulering. Het gaat mij om de implicatie van de technieken. Westerse landen zijn inderdaad zoals je zelf aangeeft, erg goed bezig met het vinden van nieuwe technieken en modificaties ter verbetering van producten. Qua landbouwtechnieken en genmodificaties in gewassen loopt Nederland vooraan mee. Het wrange is juist dat we zeer huiverig zijn in het gebruik van deze innovaties, itt tot arme niet-westerse landen die veel te winnen hebben bij het gebruik. Waar ik op doel is dat we de (dus ook door ons) ontdekte innovatie vanwege onze voedselvoorziening en toegankelijke bestrijdingsmiddelen niet nodig hebben, we lopen liever geen 'risico'.

    In dat licht moet ook mijn opmerking 'ten faveure' worden gelezen: niet de financiële winst, die er zeker zal zijn, maar de praktische winst van de implicatie lopen we op deze manier mis.

  • Shannon Spruit,

    Klopt, er zijn altijd veel discussies op onze afdeling over hoe ver solidariteit moet reiken. Zouden we bereid moeten zijn hier meer risico's te lopen om onze medemens aan de andere kant van de wereld te helpen. Tragedie's zoals Bhopal en de huidige olielekkage in Nigeria tonen dat we maar wat graag andere landen risico's laten lopen ten bate van onze vooruitgang. Andersom durven de meeste mensen nog niet aan.

    Het probleem met bestrijdingsmiddelen of genetische gemodificeerde gewassen zoals bedrijven als Monsanto die maakt is dat die helaas ook niet uit barmhartigheid het voedselprobleem en andere wereldproblemen oplossen.

  • Jasper Winkel,

    Leuk stuk, en leuk om via deze weg te horen waar je mee bezig bent. Het begrijpen en accepteren van de onzekerheid van nieuwe technologien is een belangrijk gegeven. Toen de eerste treinrails werd aangelegd werd ook geroepen dat dit de meest vreselijke ontwikkeling ooit was. Ondanks deportaties zal niemand beweren dat treinen verkeerd zijn.

    Om in te gaan op de discussie hierboven:
    Ik denk zelf dat het onderscheid tussen de termen 'nanotechnologie' en 'nanodeeltjes' harder gemaakt zou moeten worden. Nanodeeltjes zijn wijdverspreid (zoals in het voorbeeld van de zonnebrandcreme) maar doen stiekem niet zo veel bijzonders. Door hun kleine formaat hebben ze gekke eigenschappen. Dit is handig maar kan ook gevaarlijk zijn; dat wordt onderzocht, etc. Sure, maar als je me had verteld dat dit kwam door een nieuwe scheikundige verbinding of behandeling was het verhaal niet anders geweest.

    De reden dat nanotechnologie een buzzword is (en, dat ben ik met Gerbrand eens, dat is het) heeft volgens mij erg weinig (niets) met deze deeltjes te maken.

    Wellicht komt het deels door mijn voorliefde voor technologie en sci-fi, maar bij het woord nanotechnologie denk ik eerder aan zaken als nanotubes, grapheme, nanomotoriek/robotica, monomoleculaire manipulatie en supergeleiders. Veel spannender, maar veel minder doorgedrongen in de alledaagse maatschappij.

    De angst komt volgens mij deels vanuit de verwarring tussen deze twee termen: mensen die net (weinig) genoeg weten, en die dus denken dat er superkleine robotjes in hun zonnebrand zitten.

  • Shannon Spruit,

    Hai Jasper,

    Klopt de spraakverwarring zorgt wellicht wel voor een overschatting van het probleem. Ik sprak onlangs iemand die een tijd in de chemische industrie heeft gewerkt, hij wijt het aan het vermarkten van het begrip nano. Omdat het een tijd lang gunstig is geweest om wat je dan ook onderzocht of produceerde 'nano' te noemen (omdat je daar fondsen mee kon werven b.v.) heeft iedereen zoveel mogelijk nanodeeltjes onder de noemer nanotechnologie geschoven. Daar lopen we eigenlijk nu continue tegenaan.
    Een beter onderscheid zou goed zijn, maar bij een van je voorbeelden de carbonnanotubes zie je al dat het problematische is. Je zou kunnen stellen dat dat ook nieuwe stoffen zijn (vergelijkbaar met andere grondstoffen als asbest), is dat dan een nanodeeltje of technologie? Of is de toepassing van nanotubes pas technologie?

    Afhankelijk van fondsen en regelgeving zie je dat mensen het anders categoriseren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven