Régine Debatty / Museo di Antropologia Criminale “Cesare Lombroso” / Flickr

Het ongemakkelijke gelijk van Lombroso?

Eén van de eerste theorieën waar je tijdens de studie criminologie mee wordt geconfronteerd is die van Cesare Lombroso. Hij gaat er vanuit dat misdadige eigenschappen erfelijk zijn en er dus geboren misdadigers bestaan. Deze misdadigers zouden bovendien herkenbaar zijn aan uiterlijke kenmerken en afwijkingen. Lombroso - die ook wel wordt geassocieerd met schedelmetingen - onderbouwde dit door uitgebreid onderzoek te doen bij duizenden gevangenen.

We moeten de angst loslaten om uitgemaakt te worden voor generaliserend, stigmatiserend en racistisch

Uiteraard waren er veel tegenstanders van de omstreden en stigmatiserende denkbeelden van Lombroso. Deze tegenstanders zochten vooral naar sociale (in plaats van biologische of genetische) oorzaken van criminaliteit en stelden bijvoorbeeld dat ‘iedere maatschappij de misdadigers heeft die zij verdient’ (Lacassagne) en dat een ongelijke samenleving een voedingsbodem is voor criminaliteit. Voor hun positie zou kunnen pleiten dat de criminaliteit vaak met de samenleving mee verandert. Uitkeringsfraude zou bijvoorbeeld niet hebben bestaan zonder de komst van een verzorgingsstaat. En skimming zou niet hebben bestaan zonder de technologisering van de samenleving. De aard van de criminele daad blijft in deze verschillende situaties echter hetzelfde.

De eveneens Italiaanse denker Ferri (toevalligerwijs de schoonzoon van Lombroso) combineerde deze verschillende zienswijzen: hij verklaarde criminaliteit vanuit zowel biologische als sociale factoren. Kortgezegd zou de omgeving de vorm die de criminaliteit aanneemt bepalen, maar de dieper liggende oorzaken moeten worden gezocht in de biologische antisociale neigingen van de mens. Na de Tweede Wereldoorlog is het, door de ontsporingen van het sociaal-darwinisme en de eugenetica, lange tijd ondenkbaar geweest om mensen te stigmatiseren op basis van uiterlijke kenmerken en om uitspraken te doen over genetische factoren van criminaliteit. ‘Subcultureel’ en ‘sociale klasse’ zijn begrippen die een grotere rol gingen spelen in de criminologische theorievorming. In de toch vrije jaren ’70 kon je wetenschappelijke carrière als criminoloog beëindigd worden door  onderzoek te willen doen naar de biologische kenmerken van criminelen.

Lombroso had vanuit zijn gedachtegoed juist ook een humane benadering

Binnen de criminologie zijn in de loop der jaren tal van theorieën en ideeën over de oorsprong van crimineel gedrag ontwikkeld en weerlegd. Invloeden vanuit de psychologie, sociologie, culturele antropologie en filosofie werden hierin verwerkt. De biologische en genetische invloeden verdwenen daardoor naar de achtergrond. Toch zal elke professional die werkzaam is geweest in het forensische vakgebied zich niet aan de gedachte kunnen onttrekken dat bepaalde kenmerken bij wetsovertreders – uitzonderingen daargelaten – opvallend vaak voorkomen. Bepaalde karaktereigenschappen zijn vaak sterk aanwezig of ontbreken juist. Het gaat dan bijvoorbeeld om gebrekkige impulscontrole, de drang naar directe behoeftebevrediging, kortetermijndenken, het niet kunnen overzien van consequenties, zich aangetrokken voelen tot verkeerde relaties, agressieproblemen en afhankelijkheid van middelen. En zelfs op uiterlijk gebied zijn bepaalde treffende overeenkomsten niet te missen: het dragen van sportkleding (van meestal grote opvallende merknamen) en veel duidelijk zichtbare tatoeages. Maar houdt dit verband met elkaar? Kunnen hier algemene conclusies aan verbonden worden?

Hoewel Lombroso een slechte naam kreeg binnen de wetenschap had hij vanuit zijn gedachtegoed juist ook een humane benadering. Gezien zijn idee dat criminaliteit is aangeboren geloofde hij dat je er dus niet helemaal zelf verantwoordelijk voor kan worden gehouden en pleitte hij bijvoorbeeld voor afschaffing van lijfstraffen en voor de resocialisatie van gevangenen.

Overeenkomsten tussen personen die met justitie in aanraking komen vallen vanuit de praktijkervaring niet te ontkennen

Ondanks dat zeer populaire hersenwetenschappers zoals Dick Swaab ontkennen dat er sprake is van een vrije wil (en dus van eigen verantwoordelijkheid) leven wij in een tijd waarin de dominante gedachte is dat veel maakbaar is, en iedereen dus wel degelijk verantwoordelijk gehouden kan worden voor de eigen keuzes. Toch kunnen we niet ontkennen dat de interventies die aangeboden worden aan de huidige criminelen geënt zijn op het idee dat zij allemaal slachtoffer van dezelfde denkpatronen zijn.  Trainingen, groepstherapieën en behandelingen gaan uit van een methodiek die op vele mensen toepasbaar is. Dat veronderstelt dat deze mensen allemaal dezelfde tekortkomingen hebben in hun gedrag. Maar is crimineel gedrag wel iets dat over één kam te scheren is?

Lombroso wordt tegenwoordig weggezet als onaanvaardbaar. Zijn ideeën worden beschouwd als gevaarlijk en we weten allemaal waartoe dergelijke ideeën kunnen leiden. Maar wat als er toch iets waar is van de ‘duistere’ theorie van Lombroso?  De overeenkomsten tussen personen die met justitie in aanraking komen vallen vanuit de praktijkervaring niet te ontkennen. Zij vertonen veelal overeenkomsten in achtergrond (opgroeien in een pedagogisch onmachtige omgeving), opleidingsniveau, gedrag en vaardigheden. We moeten de angst loslaten om uitgemaakt te worden voor generaliserend, stigmatiserend en racistisch, en durven benoemen welke overeenkomsten er zijn. Als daarnaast ook de oorspronkelijk humane bedoelingen van Lombroso worden meegenomen is dit een mooi uitgangspunt voor de verdere ontwikkeling van therapie, straf en gedragsverandering.

Gerelateerde artikelen
Reacties
4 Reacties
  • Een zeer onhelder stuk. Onkies ook. Overeenkomsten tussen criminelen kunnen net zo goed het resultaat zijn van omgevingsfactoren als van genetische aanleg.

    De auteur verzwijgt haar vermoedelijke punt: dat veel criminelen een kleurtje hebben (ik ga ervan uit dat dit haar punt is, aangezien ze bang is om als racistisch te worden bestempeld). Ook dat kan vele oorzaken hebben, waarvan een genetische verklaring er één is, maar zeker niet de meest overtuigende. Een geschiedenis van kolonisering, sociale uitsluiting en racisme lijken waarschijnlijker.

    Dit is een nodeloos provocatief stuk en de logica rammelt. Als je wil betogen dat genetische factoren een rol spelen bij het bepalen van crimineel gedrag moet je echt met betere argumenten komen dan 'er zijn overeenkomsten'. Jammer dat de 'redactie' ervoor heeft gekozen om zo'n slecht stuk te plaatsen.

  • Inderdaad geen logische gevolgtrekking: 'er zijn overeenkomsten dus genetica is mede oorzaak'. Lijkt me evident dat genetica een rol speelt in gedrag, maar daarvoor wordt hier geen aannemelijk bewijs geleverd. Kleding is bijvoorbeeld algemeen genomen zeker geen genetische eigenschap.

  • Interessant artikel. Mooie aanleiding om onze huidige behandelmethoden van criminelen eens onder de loep te nemen.

  • De vraag is en blijft in hoeverre er sprake kan zijn van objectief 'waardenvrij' onderzoek in een dominant poltiek correct klimaat. Waarin a priori het zoeken naar en omschrijven van mogelijke determinanten "not done" is. Hernieuwd, dieper, onderzoek naar eventuele validiteit van Lombroso's hypotheses wordt politiek, sociaal/maatschappelijk (en ook wetenschappelijk) onmogelijk gemaakt door sociale druk. Lopen wetenschappelijk onderzoek en waarheidsvinding nu uitsluitend op basis van poltieke correctheid? Hoe verhoudt zich dat dan met opvattingen omtrent falsificatie van o.a. Karl Popper: "De weerlegging van onze vergissingen is de positieve ervaring die we in de werkelijkheid opdoen"

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven