Hoe ontstaat een meiviering?

De aankomende eerste mei, de internationale dag van de arbeid, zullen 250 000 Nederlandse schoonmakers voor het eerst het recht hebben gezamenlijk vrij te nemen. Dat dwong de FNV schoonmaak afgelopen december namens hen af in een nieuw CAO akkoord met verschillende werkgevers. Grotendeels bevatte dat akkoord gangbare eisen, zoals een (terechte) loonsverhoging, maar de verplichte vrije eerste mei was een opvallende uitsteker. Die schoonmaak-CAO is daarmee uniek, want Nederland is nog altijd een van de weinige landen in de wereld waar de eerste mei geen breed gedragen begrip is. Wanneer we de geschiedenis van de dag van de arbeid begrijpen, zien we dat dat anders moet.

Samen met Denemarken vormt Nederland een uitzondering in Europa. Overal om ons heen wordt de eerste mei jaarlijks uitgebreid gevierd als dag van de arbeid. Natuurlijk is ze voor de overgrote meerderheid van de werkenden gewoon een extra vrije dag die ze in de Ikea of op het strand doorbrengt. Desalniettemin vinden in de meeste landen op 1 mei elk jaar uitgebreide demonstraties en marsen plaats. In Berlijn vreest de politie elk jaar nog rellen en in Parijs vinden die traditiegetrouw plaats. Ook in Moskou gingen vorig jaar zo’n 130 000 vakbondsleden de straat op. In Nederland houdt de FNV sinds een paar jaar bescheiden manifestaties, maar dat is niets vergeleken met wat er in onze buurlanden en elders gebeurt. Dat zoveel landen, ongeacht hun politieke inrichting of cultuur, de 1 mei-viering kennen heeft te maken met de geschiedenis van de arbeidersbeweging.

De dringende eis om een 8-urige werkdag maakt anno 2019 een pijnlijke terugkeer.

De eerste mei vindt haar oorsprong eind 19e eeuw in de Verenigde Staten. In 1886 vond een enorme staking plaats op het Haymarketplein in Chicago. Al in 1884 besloten lokale vakbonden dat ze die dag een zogenaamde ‘witte staking’ zouden houden, waarbij arbeiders niet meer zouden werken dan de 8 uur die ze rechtvaardig vonden. De 185 000 arbeiders die op de been waren, met name bouwvakkers, vormden in de ogen van de autoriteiten zo’n bedreiging dat het tot schermutselingen kwam met gewapende politie. Toen de vakbeweging drie dagen later wederom demonstreerde, ditmaal als protest tegen de aanvallen van de politie, liep de boel nog meer uit de hand. Een bom verwondde zowel arbeiders als politieagenten. Naar aanleiding van dat incident werden belangrijke stakingsleiders gearresteerd en opgesloten.

De dag van de arbeid werd pas een internationaal fenomeen dankzij de Tweede Internationale, het grote internationale netwerk van linkse arbeidersbewegingen en vakbonden dat rond de vorige eeuwwisseling bestond. Bij een bijeenkomst die het 100 jarig-jubileum van de val van de Bastille vierde besloot de Internationale dat haar leden wereldwijd een actiedag moesten instellen voor de 8-urige werkdag. Omdat dat ook de centrale eis was geweest bij de Haymarketrellen, stelden Amerikaanse afgevaardigen 1 mei voor, en zo geschiedde het.

Luxemburg loofde de ‘bliksemachtige’ manier waarop de meidag zich verspreidde over de wereld.

Tien jaar na de beslissing van de Internationale schreef de socialiste Rosa Luxemburg, dit jaar precies een eeuw geleden vermoord, een beroemde brief over het onderwerp. Ze loofde de ‘bliksemachtige’ manier waarop de meidag zich verspreidde over de wereld. Toen de actiedag door de Tweede Internationale werd ingesteld, was de bedoeling dat slechts eenmaal te doen. Maar, zo schreef ze: ‘Het volstond al om de meiviering eenmaal in 1890 te organiseren, om iedereen te laten begrijpen en voelen dat de meiviering een jaarlijks en terugkerend fenomeen moest worden’.

De dringende eis om een 8-urige werkdag maakt anno 2019 een pijnlijke terugkeer. Niet alleen in derdewereldlanden, zoals men in eerste instantie zou verwachten. In Oostenrijk werd ze onder de huidige bondskanselier het afgelopen jaar afgeschaft: 12 uur is daar nu de facto het nieuwe maximum. In Griekenland werken mensen sinds de memorandumafspraken met de EU al langer dan waar ook in Europa, terwijl ze tegelijkertijd kampen met een enorme werkeloosheid. In Nederland zijn we strikt genomen nog niet zo ver, maar als EU-land met het hoogste percentage flexwerkers staan arbeidsrechten ook hier op de tocht. Steeds minder mensen hebben werkzekerheid of voldoende inkomen. Voor onderzoekers en docenten in het hoger onderwijs, bijvoorbeeld, is het aantal overuren inmiddels tot een belachelijk niveau gestegen, zoals ze tijdens de massale onderwijsstaking van 15 maart duidelijk maakten. Je hoeft dus geen 19e-eeuwse fabrieksarbeider te zijn om een meidag een goed idee te vinden.

De eis om betere arbeidsvoorwaarden is nog altijd relevant, of het gaat om het vasthouden van reeds behaalde verworvenheden, of het winnen van nieuwe.

Wat de trend in ons land en daar buiten ook mag zijn, Luxemburgs vooruitzicht over de viering van de eerste mei was in elk geval optimistisch. “De eerste mei verkondigt de roep om de achturige werkdag. Maar ook wanneer dat doel bereikt is wordt de meiviering niet opgegeven (…) wanneer betere tijden aanbreken (…) zal men als herdenking van de gevochten strijd de eerste mei als feestdag kunnen vieren.” De eis om betere arbeidsvoorwaarden is nog altijd relevant, of het gaat om het vasthouden van reeds behaalde verworvenheden, of het winnen van nieuwe. Laten we dus een voorbeeld nemen aan de schoonmakers en de eerste mei ook in Nederland serieus nemen.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven