Flickr / Cory M. Grenier

Homo emotionalis

Keuzes achtervolgen iedereen overal in het leven. De econoom tracht deze te bestuderen middels wiskundige modellen. Een fundamentele aanname die ten grondslag ligt aan deze modellen is dat de mens een homo economicus is, ofwel iemand die een rationele beslissing maakt gebaseerd op een afweging van kosten en baten. Als iemand bijvoorbeeld een auto gaat aanschaffen zal hij alle voors en tegens op een rij zetten en nagaan welke auto hem het meeste plezier zal opleveren en deze kiezen. Impliciet is hierbij aangenomen dat er sprake is van een scheiding tussen ratio en emotie in een persoon. Als niet emoties iemand zouden leiden, zou de homo economicus overblijven.

Deze aanname kan in twijfel worden getrokken. Sedert veertig jaren probeert de gedragseconomie dit dan ook te doen. Uit de onderzoeken van Daniel Kahneman, bekend van zijn boek Ons Feilbare Denken, blijkt dat wij niet altijd te werk gaan als homo economicus. Beslissingen worden volgens Kahneman gemaakt via een van twee 'systemen'. Bij systeem 1 wordt een beslissing gemaakt op basis van intuïtieve affecten. Dit gebeurt snel en hangt samen met emoties. Bij systeem 2 wordt een beslissing gemaakt door middel van intensieve deliberatie, wat grofweg inhoudt dat er grondig en logisch wordt nagedacht. Als een consument gebruik maakt van systeem 1 zou hij in een fractie van een seconde een auto kopen omdat deze zo mooi rood is. Bij systeem 2 zou hij meer handelen als de homo economicus. Deze theorie van Kahneman is dus een variatie op de aanname van de homo economicus door traditionele economen. Echter, ook hier wordt de scheiding tussen emoties en ratio in stand gehouden.

De gedachte dat een persoon homo economicus wordt zodra hij zijn emoties leert onderdrukken wordt door gedragseconomen sedert 40 jaar in twijfel getrokken.

Op basis van het neurologisch onderzoek van Antonio Damasio kan men deze dichotomie in twijfel trekken. Volgens zijn 'somatic marker hypothesis' worden alle beslissingen (waaronder diegene die wij rationeel noemen) genomen op basis van emoties. Zo moesten proefpersonen in een onderzoek kiezen uit twee kaartstapels waarvan zij kaarten konden trekken. Een getrokken kaart leverde of winst of verlies op. De verdeling tussen winstgevende en verliesgevende kaarten was bij één stapel zo verdeeld dat er per saldo winst gemaakt zou maken, bij de andere stapel per saldo verlies. De bedoeling was dat een proefpersoon spelenderwijs zou ontdekken van welke stapel het verstandiger was te trekken als hij geld wil verdienen.

Onder de proefpersonen was ook een groep mensen met defecten in de delen van het brein die betrekking hebben op emoties. Proefpersonen zonder deze defecten voelden al aan van welke stapel het verstandiger was te pakken (bijvoorbeeld door meer te zweten als ze van de verkeerde stapel gingen pakken) lang voordat ze dit bewust konden beargumenteren. Dit gold niet voor de degenen met defecten, die niet in staat waren te ontdekken welke stapel winstgevender was. Emoties stuurden dus weldegelijk de beslissingen.

Als de scheiding tussen ratio en emotie wordt verworpen, kan ratio wellicht worden gezien als een speciale vorm van emotie. Beslissingen kunnen dan niet langer worden onderverdeeld in rationele of emotionele beslissingen. Toch blijft deze dichotomie in stand in de traditionele- en gedragseconomie. Die theorieën bekijken alles door de lens van de ratio. Beleid wordt op basis van deze theorieën gevormd. Hierdoor komt de focus van de samenleving op de ratio te liggen, ten nadele van de emoties. Rationeel kiezen in de economie wordt beschreven in termen van meetbare kosten en baten, waarbij de kosten het middel zijn om het doel, de baten, te bereiken. Wij hebben echter gezien dat men de ratio kan zien als een speciale vorm van emotie. Dit betekent dat de focus van de samenleving op het gebied van beslissingen ligt op een specifieke vorm van emotie, namelijk instrumentele rationaliteit.

Als de scheiding tussen ratio en emotie wordt verworpen, kan ratio wellicht worden gezien als een speciale vorm van emotie.

Wat doet een samenleving gekenmerkt door het instrumentele denken met de mens? Psychoanalyticus Erich Fromm beschrijft in zijn boek Liefhebben, een Kunst, een Kunde hoe mensen een marketingoriëntatie ontwikkelen in hun persoonlijkheid. Men ziet zichzelf steeds meer als een waar op een persoonlijkheidsmarkt, wat tot vervreemding van jezelf en anderen leidt. Men kan dit bijvoorbeeld goed zien in de autotransactie. De verkoper gebruikt de koper als middel om het doel van geld verdienen te bereiken. Daarnaast zal de verkoper om dit doel te bereiken wellicht moeten doen alsof hij de koper sympathiek vindt, wat tegen zijn werkelijke gevoelens in kan gaan.

De basisbehoefte van liefde komt door deze vervreemding onder druk te staan. Liefhebben gaat normaliter in al haar facetten om het houden van een persoon zoals deze is en het beste voor hem wensen omwille van zijn persoon. Maar in plaats van iemand nodig te hebben vanuit liefde, gaat men liefhebben vanuit noodzaak. Een geliefde wordt dan gezien als iemand die bepaalde baten oplevert en waarvoor kosten moeten worden gemaakt. De emotionele huishouding van een persoon wordt door de eenzijdige focus op instrumentele rationaliteit ontregeld.

Economie zou moeten gaan over het bevredigen van alle basisbehoeftes van de mens. Liefde is hier een essentieel onderdeel van. De rondwarende geest van het instrumentele denken zou verdreven moeten worden ten einde dit te bereiken. Niet alleen zouden economen dit soort denken uit hun modellen moeten verdrijven, maar ook allen uit hun gedrag. Een waarlijk 'rijk' leven begint met een gezonde emotionele huishouding. Een economisch systeem moet de Mens dienen, niet andersom! Alleen dan zal ware naastenliefde mogelijk zijn en zal het emotionele leven worden verrijkt, niet worden gelimiteerd. Laat ons allen dit spook verjagen!

Gerelateerde artikelen
Reacties
1 Reactie
  • Ervan uitgaand dat als het hele scala aan emoties wordt ingezet ter besluitvorming, lijkt me het grote "probleem" dat men wellicht minder makkelijk te beïnvloeden en te voorspellen is. Los van of dit het doel is van bepaalde mensen/economen, kan het ook zo zijn dat men liever blijft hangen aan de fijner aanvoelende simpele en voorspelbare wereld. Ik ben benieuwd hoe de ontwikkelingen op dit gebied vergaan.

    Hoe dan ook, mooi stuk, interessant onderwerp.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven