Flickr / Caden Crawford

Jonge schrijvers, schrijf een e-boek

Girls, seizoen één, aflevering één. 'I think I might be the voice of my generation', verkondigt de 24-jarige Hannah Horvath aan haar ouders. Zij staan op het punt de geldkraan voor hun allang afgestudeerde dochter dicht te draaien. Maar Hannah wil niet werken, ze wil schrijven, snappen ze dat dan niet? Haar ouders kijken naar het stapeltje papieren dat Hannah voor hun neus heeft neergesmeten. Het is haar debuutroman. 'Or – at least a voice of my generation.'

Hannah is een van de hoofdpersonages uit de Amerikaanse hitserie over het leven van vier New Yorkse twintigers die zich voornamelijk bezighouden met hun hoogstpersoonlijke psychische gesteldheid dan wel Body Mass Index. Zélfontplooiing, daar gaat het om in het leven van deze jonge vrouwen. In het geval van Hannah neemt dat de vorm aan van een boek. She’s a writer. Verder dan een internetartikel over haar in scène gezette eerste ervaring met cocaïne kwam ze alleen niet.

Je werd verkocht als grote belofte, je wordt onthaald als niet de moeite waard.

Jonge schrijvers – ook in de Nederlandse grote steden zijn ze in groten getale voorhanden. Ze vertonen hun kunsten op de Jonge Schrijversavond in de Stadsschouwburg van Amsterdam, drinken drankjes bij hippe literaire talkshows, mogen zichzelf presenteren op avondjes in debatcentra. Generatie IK: schrijven is hip! was de titel van een recent debatprogramma in De Balie.

Maar makkelijk hebben ze het niet, de jonge schrijvers. De boekenbranche stort in, recensenten zijn geen filantropen en op sympathie voor de verrichte inspanningen hoeven ze niet te rekenen. ‘Voorzichtig en gedwee’ noemde de jury van de BNG Literatuurprijs de lichting jonge schrijvers van 2012. ‘Opvallend vaak was de blik naar binnen gericht’. Weinig grote visies, veel pril gevoelsleven. Ach ja, die ondraaglijke lichtheid van het bestaan.

Allerhande literair commentators viel het ook al op: bijna al die jonge schrijversboeken gaan over de jonge schrijvers zélf. ‘Literatuur is het voortzetten van Facebook met andere middelen’, stelde filosoof/essayist/dichter Maarten Doorman in de Volkskrant. Jonge schrijvers ‘vijlen net zo lang aan hun i-Proza tot de eigen wederwaardigheden, relatiebeslommeringen, familieproblemen en jeugdherinneringen tot literatuur zijn opgeschaald’. Het resultaat: ‘pretentieuze egomane neo-Bukowskiaanse snobistische literatureluur met zelfbenoemde elitaire boodschap’, aldus journalist/columnist Bert Brussen.

Wat bezielt uitgevers om deze jongens en meisjes het literaire (slag)veld in te sturen? Simpel: de spaghettimethode. Pan met pasta tegen de muur – kijken wat er blijft hangen. Oftewel: strooien met contracten en veel uitgeven in de hoop dat er iets goeds tussen zit – met contractinflatie als gevolg. Want tja, als iedereen een boek mag schrijven, sterven velen een stille dood.

‘Je werd verkocht als grote belofte, je wordt onthaald als niet de moeite waard’, resumeerde Olga Kortz (1986) het lot van haar generatie schrijvers in een column op HP/deSite. Een slechte recensie betekent stapels onverkochte boeken – een goede soms ook. Leuk geprobeerd maar helaas, niet gelukt. Oh, en sorry voor het gedeukte ego.

Verder dan een internetartikel over haar in scène gezette eerste ervaring met cocaïne kwam ze niet.

Om het koren te scheiden heb je heel wat kaf nodig, dan snap ik ook wel – in de huidige Nederlandse jonge schrijversscene zou zich zomaar een nieuwe Hermans of Haasse kunnen bevinden. Maar met de huidige trend van semi-autobiografisch ik-proza gecombineerd met het spaghettibusinessmodel van uitgeverijen slibben de planken van steeds schaarser wordende boekhandels dicht met één-à-twee-sterretjes, niemendalletjes waar niemand op zat te wachten. Met alle gedesillusioneerde twintigers, verkwiste moeite, verspild papier en andere gevolgen van dien.

Seizoen twee, aflevering zes. Hannah zit met een gevierd schrijver in een hippe Brooklynse bar. Het is lunchtijd, ze drinken cocktails; zo gaat dat in New York.
Een bekende van de schrijver loopt langs.
'Dit is Hannah Horvath, neem een foto', zegt de schrijver. 'In a month she’s gonna blow up.' Hannah kijkt alsof ze een wiskundig raadsel moet oplossen.
'Je hebt iets wat weinig schrijvers hebben', zegt hij. 'Een stem. Je gaat een e-boek voor me schrijven.'
Hannah: 'Een e-boek?!' 
Schrijver/uitgever: 'Een e-boek.'
Hannah: 'Dit is de beste dag van mijn leven.'

Zomaar een goed idee uit zomaar een serie: verplicht een e-boek als debuut. Met een latte macchiato op je macbook schrijven over jezelf; ieder z’n ding. Maar eerst digitaal maar eens even zien wat je kan – dan zien we wel weer verder. Tuurlijk, een echt boek is leuker – maar even serieus oefenen kan geen kwaad. Jonge schrijver minder stress, boekhandel meer ruimte, en uitgever wat minder centjes kwijt – en toch dezelfde kansen op het vinden van dat ene genie. Ik zeg: win-win. Laat die e-boek-Spotify maar komen.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven