Les gilets jaunes en marche

Vorig weekend was Frankrijk het decor van ongekende geweldsuitbarstingen. Politiebussen werden in brand gestoken en verschillende monumenten (waaronder de Arc de Triomphe) werden beschadigd. De ‘gele hesjes’ demonstreren al een paar weken tegen een aantal overheidsmaatregelen, waaronder de verhoging van bepaalde accijnzen. Naar aanleiding van de rellen klonk vanuit bepaalde geledingen de roep om een noodtoestand, waarbij de regering tijdelijk buitengewone juridische bevoegdheden krijgt om de orde te handhaven. Frankrijk flirt al een aantal jaar met de noodtoestand. Hierdoor is dit gevaarlijke instrument verzeild geraakt in een spinnenweb van wetten, wat niet bijdraagt aan de transparantie en legitimiteit van het overheidshandelen.

Misschien zal Macron aan Lodewijk XVI hebben gedacht, toen hij zondagochtend Parijs doorkruiste en de schade opnam. Na een glorierijke en hoopvolle verkiezingswinst en 18 maanden doortastend en vernieuwend beleid, staat zijn gezag ter discussie en keert Frankrijk zich tegen hem. De demonstranten erkennen zijn autoriteit niet, ondermijnen de legitimiteit van zijn machtspositie en eisen zijn aftreden.

Even gingen geluiden op over het afkondigen van een noodtoestand. Dit zou de autoriteiten meer (juridische) middelen geven om doortastender en effectiever op te kunnen treden. “Je n’ai pas de tabou”, verklaarde Cristophe Castaner, Minister van Binnenlandse Zaken. Alle mogelijkheden om de openbare orde en veiligheid te waarborgen lagen open, waaronder de noodtoestand.

Men spreekt van een taboe, want ruim een jaar geleden werd in Frankrijk een periode van twee jaar noodtoestand beëindigd

Men spreekt van een taboe, want ruim een jaar geleden werd in Frankrijk een periode van twee jaar noodtoestand beëindigd. Deze noodtoestand werd op 14 november 2015 afgekondigd door president Hollande, naar aanleiding van de terroristische aanslagen in Parijs. De noodtoestand werd 6 keer verlengd, de wetgeving werd aan de lopende band aangepast en en er werd grootschalig gebruikt gemaakt van de exceptionele bevoegdheden die onder de noodtoestand kunnen worden ingezet. Vier weken na de aanslagen in 2015 vonden bijvoorbeeld al ongeveer 2500 huiszoekingen plaats. Op 25 mei 2016 was het aantal huiszoekingen opgelopen tot 3594. Deze grootschalige inzet van noodbevoegdheden in Frankrijk stuitte algauw op kritiek en verschillende mensenrechtenbewegingen kwamen in verweer.

Macron kondigde na zijn verkiezing in juni 2017 aan de noodtoestand op te willen heffen, om de Franse rechtsstaat en de daarmee samenhangende grondrechten te kunnen waarborgen. De wet op de noodtoestand zou worden vervangen door nieuwe antiterrorismewetgeving. Hiermee werden een aantal bevoegdheden die normaal gesproken alleen onder de noodtoestand kunnen worden ingezet, in het normale recht opgenomen.

De wet zou een ‘normalisering van de noodtoestand’ zijn

Macron verdedigde deze nieuwe wet voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg, met een expliciet beroep op de gezondheid van de rechtsstaat. Het in stand houden van de noodtoestand begon risicovol te worden; het zou de rechtsstaat permanent kunnen beschadigen. Desalniettemin was de dreiging van het terrorisme nog altijd (al dan niet sluimerend) aanwezig. De nieuwe wetgeving zou een duurzaam en rechtsstatelijker alternatief bieden voor de noodtoestand, zonder afbreuk te doen aan de mate van veiligheid die de noodtoestand bood.

31 oktober 2017 werd de noodtoestand opgeheven, 1 november trad de nieuwe wet in werking. Deze werd, ondanks de ‘rechtsstatelijke belofte’, met veel kritiek ontvangen. De wet zou een ‘normalisering van de noodtoestand’ zijn. Frankrijk zou in een permanente noodtoestand geraken, omdat de exceptionele bevoegdheden nu makkelijker ingezet zouden kunnen worden.

De eerdergenoemde reactie van Castaner (“Je n’ai pas de tabou”) afgelopen weekend was een reactie op een oproep van de Alliance Police nationale, waarin zij de overheid aansprak op hun plicht om adequaat te reageren. De alliantie stelde dat de ‘woorden’ van de Minister van Buitenlandse zaken niet volstonden tegen deze volksopstand. Ze riepen op tot het uitroepen van de noodtoestand, zoals afgelopen jaren het geval was naar aanleiding van het terrorisme.

Na overleg liet de regering weten geen beroep te doen op de noodtoestand. In plaats daarvan zouden ze in gesprek gaan met de vertegenwoordigers van de gilets jaunes. Vreemd genoeg ging dit dus over de ‘oude’ noodtoestand (van vóór 1 november 2017), en niet over de nieuwe antiterrorismewetgeving. Het punt van de nieuwe wet is dat er geen noodtoestand hoeft te worden uitgeroepen, omdat een aantal van de maatregelen die de noodtoestand mogelijk maakt in het gewone recht zijn opgenomen. Het uitroepen van de noodtoestand zou dus niet meer nodig zijn voor het inzetten van exceptionele bevoegdheden.

De besluitvorming omtrent de inzet van noodbevoegdheden is moeilijk te doorgronden

Het is daarom ook verbazingwekkend dat, rondom de uit de hand gelopen situatie in Frankrijk, deze wet helemaal niet is genoemd. Na de terroristische aanslagen in Parijs, werd de noodtoestand bijna onmiddellijk ingeschakeld, en met een beroep op de ‘veiligheid van de openbare orde’ kon deze twee jaar voortduren. De omvang van de huidige ‘volksopstand’ was enorm: er zijn nog nooit zoveel mensen tegelijk gearresteerd in Parijs. Wellicht acht de overheid deze maatregel meer geschikt voor een buitenlandse dreiging, in plaats van binnenlandse ophef. Dit is verbazingwekkend, want van oorsprong is de noodtoestand een maatregel voor een concrete, in tijd en plaats afgebakende crisis. Waar de dreiging van het terrorisme dit juist niet is, zijn de huidige rellen dat wél. De besluitvorming omtrent de noodbevoegdheden is moeilijk te doorgronden en krijgt zo een willekeurig karakter.

Desondanks is er een logische verklaring te bedenken voor de terughoudendheid van de regering. Mogelijkerwijs is de regering zich bewust van de eventuele gevolgen van noodmaatregelen. De Franse Republiek schudt momenteel op zijn grondvesten. Het inzetten van exceptionele bevoegdheden zou olie op het vuur kunnen zijn. Zaterdag 8 december zijn nieuwe demonstraties aangekondigd. De vraag is hoe de politiek hierop gaat reageren.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven