http://www.fanpop.com/

Machiavelli in Westeros

Waarschuwing: dit stuk bevat een aantal spoilers uit de eerste afleveringen van het vierde seizoen van Game of Thrones.

‘What makes a good king?’ vraagt Tywin Lannister aan zijn kleinzoon, de twaalfjarige koning van Westeros. We bevinden ons in de wereld van de televisieserie Game of Thrones. Wie deze vraag stelt verwacht geen idealistische antwoorden. ‘Vroomheid, rechtvaardigheid,’ vraagt de koning, ‘of kracht?’ ‘Geen van allen,’ antwoordt Lannister, zulke deugden komen niet van pas als een heerser complexe keuzes moet maken. ‘Een goede koning kent zijn beperkingen en luistert naar zijn adviseurs.’ Wie precies laat hij onuitgesproken. Zijn koele ogen spreken boekdelen.

Het verwerpen van klassieke deugden als gids voor een goede heerser is typisch voor Game of Thrones. Westeros wordt geregeerd door machtsspelletjes in een moreel schemergebied. Tywin Lannister is geen sympathieke man, hij schuwt geen enkel middel om de eer en glorie van zijn familie te vergroten. Hij is de belangrijkste bad guy in het pseudo-middeleeuwse rijk van Westeros, maar tegelijkertijd boekt hij meer successen dan bijna alle good guys bij elkaar.

Waar veel fantasy bouwt op een mythische strijd tussen de krachten van licht en duisternis heeft Game of Thrones de onvoorspelbaarheid van echte geschiedenis - met draken. Een goed hart, een grootse reputatie of een rechtvaardige zaak zijn geen garantie voor de overwinning. In Westeros heerst de ethiek van één van de meest beruchte politieke schrijvers uit de Europese geschiedenis: Niccolò Machiavelli.

In Westeros heerst de ethiek van Niccolò Machiavelli.

Ook Machiavelli’s Il Principe (1514), vaak vertaald als De heerser, handelde over de vraag: ‘wat maakt een goede koning?’ Zulke ‘vorstenspiegels’ waren een geliefd thema voor humanistische traktaten in het Italië van de renaissance, maar Machiavelli’s antwoord was anders dan alle andere voor hem. De klassieke humanisten, zoals de Nederlandse Erasmus, beweerden dat een koning te allen tijde deugdzaam moest handelen. Machiavelli verwierp die opvatting als onrealistisch en stelde dat voor een heerser alles geoorloofd is om ‘mantenere lo stato,’ zijn staat te handhaven.

George R.R. Martin, schrijver van de boeken waarop Game of Thrones is gebaseerd, leverde dezelfde kritiek op J.R.R. Tolkiens The Lord of the Rings. Tolkiens epos ‘had een erg middeleeuwse filosofie: dat als de koning een goede man was, zijn land zou bloeien,’ zegt hij in een recent interview met Rolling Stone. Als het kwaad overwonnen is wordt Aragorn gekroond en heerst hij honderd jaar als een wijze en goede koning. ‘Maar Tolkien vraagt niet: wat was Aragorns belastingbeleid? Hield hij een staand leger in stand? Hoe handelde hij bij een overstroming of een hongersnood?’ En wat gebeurde er met alle orks? ‘Voerde Aragorn een systematische genocide uit?’

Game of Thrones maakt een scherp onderscheid tussen goede intenties en politiek succes in ‘het spel der tronen’. Eddard Stark, baken van integriteit in een storm van intriges en de eerste held van het verhaal, eindigt al in het eerste seizoen onder het zwaard van ’s konings beul. Gedreven door een stug gevoel voor rechtvaardigheid weigert hij de onrechtmatige koning te erkennen, en wordt hij veroordeeld als verrader. Daenerys Targaryen, de laatste nazaat van de Targaryen-koningen die na eeuwen van heerschappij van Westeros verdreven werden, en één van de voornaamste troonpretendenten, brengt op een ver continent vrijheid in slavensteden. Maar ook zij staat op het punt om te ontdekken dat idealistisch veroveren en realistisch heersen niet hetzelfde zijn. Wie wil overleven in de ‘echte’ wereld heeft behoefte aan een machiavellistische ethiek.

In één van de meest controversiële passages in Il Principe bekritiseert Machiavelli de deugden van vrijgevigheid, genadigheid en trouw als ondeugdelijk voor een heerser. Consequent toegepast leidt vrijgevigheid tot een lege schatkist, geeft genadigheid ruimte aan politieke tegenstanders, en dwingt trouw om afspraken na te komen die in het nadeel van de staat zijn. Het is ‘noodzakelijk dat een vorst, als hij zich wil handhaven, leert om niet goed te zijn, en om al naar gelang de omstandigheden zijn goede of zijn kwade kant te tonen,’ schrijft Machiavelli.

De Florentijnse schrijver maakte van het concept virtù, deugd, veel meer dan deugdzaamheid. De heerser die bereid is immoreel te handelen wanneer nodig en deugdzaam wanneer mogelijk is volgens hem de ware virtuoso. Alleen deze heerser is in staat de onvoorspelbaarheid van het lot, fortuna, te beheersen. Alleen hij - of zij - kan de staat sturen door de woelige wateren van de geschiedenis. En wie erin slaagt om, zoals de grote heersers van het klassieke Athene en Rome, een lange periode van vrede en welvaart te brengen zal beloond worden met gloria en fama.

Dit is de nuance van Machiavelli’s moraal die vaak verdwijnt achter het stereotype van de cynische ‘kwade Machiavel,’ zoals hij in latere eeuwen vaak gepresenteerd werd. Alle middelen zijn geoorloofd voor de heerser, maar glorie en faam bereikt hij alleen wanneer hij de welvaart van zijn staat na blijft streven. Agathocles van Syracuse, een tiran uit de derde eeuw voor Christus, kwam aan de macht dankzij intrige en moord, schreef Machiavelli, maar als heerser bleef hij moorden. Het lukte hem om zijn staat te handhaven, maar door onnodig gruwelijke middelen, die hem de haat van het volk op de hals haalden. Hij wordt herinnerd als een tiran.

 De meest machiavellistische heerser schuwt de gruwelijkste middelen niet, maar beschermt altijd zijn reputatie.

Zo sneuvelde ook koning Joffrey Baratheon van Westeros. Naar Machiavelli’s voorschrift vernietigde hij veel van de oude regerende families, terwijl hij de wetten en uiterlijkheden van de vorige heerser zoveel mogelijk in stand hield. Maar Joffrey, en jongen van vijftien, toonde zich een slechte koning, die zich dankzij zijn wrede, sadistische liefhebberijen gehaat maakte. En, schrijft Machiavelli, wie een samenzwering wil voorkomen moet ‘zorgen dat het volk hem geen haat toedraagt. Want elke samenzweerder gaat ervan uit dat hij het volk met de dood van de vorst een plezier zal doen.’ De haat en minachting van het volk zijn de grootste bedreiging voor de vorst. De meest machiavellistische heerser schuwt de gruwelijkste middelen niet, maar beschermt altijd zijn reputatie. Hij moet ‘kunnen veinzen en ontveinzen’.

George Martin toont zich een goede leerling van Machiavelli. Hij blaast, vijfhonderd jaar na dato, nieuw leven in de morele vraagstukken van Italiaanse renaissance, voor een miljoenenpubliek van televisiekijkers. En hij is trouw aan Machiavelli’s moraal: de machtigste spelers in Game of Thrones zijn geslepen bedriegers, maar wie zijn hand overspeelt door onnodige wreedheden delft het onderspit.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven