Wikimedia Commons / Anonymous

Metaforen slaan het privacydebat dood

Het is lastig discussiëren over digitale innovaties. Als je moeder vraagt: "Wat is dat iCloud eigenlijk?", kom je niet verder dan "een soort bankkluis voor je gegevens". Dat stelt haar gerust: haar hele leven lang vertrouwt ze al op bankkluizen. Jouw uitleg schaart deze noviteit van Apple in een voor haar bekende categorie.

Een goedbedoelde metafoor geeft hier de illusie van begrip. Je vervangt het ongrijpbare concept door een welbekend object. Dat terwijl het maar een kleine extra denkstap kost om wel te weten wat iCloud is. iCloud is een dienst van Apple, waarbij jouw data automatisch wordt verstuurd en opgeslagen op servers in datacenters over de hele wereld. Elk bestand wordt een paar keer opgeslagen, op verschillende plaatsen - verschillende landen zelfs. Als er dan een datacenter afbrandt, heb je nog steeds je data. Aan de voorkant heb je je zelfgekozen wachtwoord nodig om bij je bestanden te kunnen, maar aan de achterkant kan een beheerder van Apple er gewoon direct bij.

Een goedbedoelde metafoor geeft hier de illusie van begrip.

Maar we blijven liever bij de metaforen. E-mail wordt digitale post, Facebook een elektronisch kroeggesprek en het EPD is de kaartenbak van je vertrouwde huisarts. Werkelijk begrip over de werking is dan niet meer nodig: je hoeft alleen nog achterover te leunen, en je te vergapen aan de vruchten van het talent van de programmeurs.

Als iedereen zich aan de regels houdt, klopt de metafoor aardig. Maar: wanneer heeft voor het laatst iedereen zich aan de regels gehouden? Aan welke regels houdt een hacker zich, of een beheerder die buiten zijn boekje gaat? Wat als e-mail wordt getapt, als je Facebookaccount plots openbaar is of als je ex-vriendin (verpleegster aan de andere kant van het land) in je medisch dossier heeft zitten snuffelen?

Juist in de kieren tussen metafoor en werkelijkheid zit 'm de greep. Iedere maker van een digitaal systeem verwerkt zijn belangen in de werking ervan. Technologie is simpelweg niet neutraal. Neem Gmail. Waarom is dat zo veel leuker en handiger dan de e-mail van je internetprovider? Omdat Google een fundamenteel ander belang heeft dan je internetprovider. Je provider wil dat je niet te veel mailt, want dat belast hun systemen maar. Google wil juist het tegenovergestelde: hoe meer jij mailt, hoe meer gegevens ze van je hebben. Met ieder mailtje wordt je Google-profiel meer waard.
Net zo met Facebook. Hun belangen zijn lang niet altijd de jouwe, maar in de metafoor 'elektronisch kroeggesprek' valt dat niet op. Facebooks belang is de waarde van jouw gegevens voor adverteerders: ze zullen je altijd najagen nóg meer te delen. Jouw belang, het kroeggesprek, vinden ze maar onhandig.

Wist je dat Facebook het onmogelijk maakt al je oude posts in één klap op privé te zetten? Ik ben begonnen om een Facebook-app te maken die al je oude posts verwijdert. Zulke apps maak je met een Facebook-interface voor programmeurs, de Facebook-API. Oude posts verwijderen kon prima via de Facebook-API, maar ik ontdekte dat mijn vrienden dat niet wilden. Hun fotoalbums en oude discussies waren mooie herinneringen die ze niet kwijt wilden. Ze wilden graag alles op 'privé' hebben, dus voor iedereen behalve hen onzichtbaar. Dat mag niet van Facebook. Er is geen technische reden waarom dat niet mag, de functie zit gewoon niet in de Facebook-API. Facebook wil dat jouw profiel vol blijft staan met al die oude posts, zodat je vrienden blijven klikken, zoeken en liken. Al dat klikken, zoeken en liken slaat Facebook weer op, en zo wordt jouw profiel steeds meer waard.

Hoe nu verder? Hoe kunnen we de digitale vruchten blijven plukken en toch verantwoord samenleven? Het enige medicijn is inzicht. Inzicht in de werking van algoritmes, in de mogelijkheden van digitale systemen en in de belangen van hun makers. Een zinnig debat is pas mogelijk als we het simplificeren achterwege laten en de digitalisering in al haar complexiteit beschouwen.

Een veelgehoorde suggestie is: leer programmeren. Dan leer je daadwerkelijk hoe die systemen werken en hoe ze je leven beïnvloeden. Maar wie heeft daar nou tijd voor? De hele dag achter een computer zitten om echt te gaan begrijpen hoe zo'n ding werkt?

Daarom suggereer ik hier twee alternatieve scenario's:
Optie 1: We kappen ermee. We stellen met z'n allen vast dat de digitale mogelijkheden ons boven het hoofd gegroeid zijn. De innovatie gaat te snel, we begrijpen er te weinig van en controle schiet tekort. We kiezen een aantal diensten die we willen blijven gebruiken (e-mail, surfen, chatten?). Die reguleren we streng: er komen wettelijke definities en gecertificeerde aanbieders voor. De overheid gebruikt het internet voor handhaving van de openbare orde: camerasystemen blijven gewoon werken. De rest gaat allemaal uit: geen Facebook, geen EPD, geen smartphone. Willen we nieuwe producten toelaten? Dan moet de wet aangepast worden, dus trek daar maar een paar jaar voor uit.

Optie 2: We laten het helemaal los. We stellen vast dat iedereen online toch al precies deed wat hij zelf wilde, dus vanaf nu mag alles. Hacken, oplichten, racisme, er zijn geen grenzen meer. Internet wordt een definitieve vrijplaats. Daarmee wordt het ook enorm ongeschikt voor elk serieus gebruik. Websites liggen voortdurend plat, van Jan en alleman duiken naaktfoto's op en de politie doet niets. Internetbankieren is geen optie meer, het EPD ook niet, en de gemeentelijke basisadministratie wordt losgekoppeld van het internet. Iedereen keert het internet de rug toe: niemand wil meer een computer, behalve puberjongens van een jaar of 15.

Laten we elkaar offline in de ogen kijken

Beide scenario's zijn natuurlijk niet wenselijk. Toch valt het ons zwaar om ze als onrealistisch te bestempelen. Welke mechanismes hebben we er tegen in stand gebracht? Als we maar door blijven innoveren, wordt de tegenstand dan niet op een gegeven moment zo hoog dat optie 1 aantrekkelijk wordt? En is de huidige mate van controle over het internet werkelijk groter dan in optie 2 geschetst wordt?

We moeten elkaar hoognodig spreken: over de data die we vandaag verzamelen, de systemen die we voor morgen bouwen en de innovaties die de toekomst voor ons in petto heeft. Laten we elkaar offline in de ogen kijken en beginnen met het eerste echte gesprek over die wereld achter de telefoon in onze broekzak.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven