Wikimedia Commons

Op de rand van de romantiek...

Ik probeer nu al voor de 23e keer romanticus te worden. Niet zo’n romanticus van het kaarslicht. Dat is in de omgang met vrouwen voordelig, zeker. Maar het is ook eenvoudig, want iedereen kan een kaars opsteken. Ik wil een echte romanticus worden, zoals Herder, Fichte en Hölderlin.

Ik ben dus eerst begonnen een boek te lezen. Zo werkt het nu eenmaal. Men moet eerst gedegen kennis opdoen voor men iets in praktijk kan brengen. Ik moet eerst lezen hoe hoofdpersonen huiveren bij het horen ruisen van boomgebladerte. Hoe de tranen rijkelijk vloeien bij de gedachte aan overweldigende, besneeuwde bergtoppen. Het is geen makkelijke opgave, want de huivering mag geen simpele koude rilling zijn en de tranen geen krokodillentranen. Nee, bij de romanticus, de echte dan, gaat alles door merg en been.

In het dagelijks leven ben ik geen romanticus van beroep. Ik vraag me af of er professionele romantici zijn. Natuurlijk zijn er romantische schrijvers, maar die zijn professioneel gezien toch in de eerst plaats schrijver. Sommigen zeggen dat ze auteur zijn. Het zou ook een beetje raar staan telkens maar ‘romanticus’ te moeten neerpennen op de formulieren van de officiële instanties. Wat moeten de behandelende ambtenaren wel niet denken. Voorlopig ben ik nog helemaal niets – ik tracht.

Ik weet dat ik al 22 keer eerder heb geprobeerd volwaardig romanticus te worden. Die pogingen zijn inderdaad mislukt, anders had ik het niet nog een keer hoeven proberen. Ik heb het moeilijk. Telkens als ik er bijna was, liep het mis. Bijna kon ik huilen van boomgeruis en wat dies meer zij. Mijn diepe romantische binnenste kon maar niet overtuigd raken. De partijen – de wil en het innerlijk – hebben elkaar met argumenten proberen te overtuigen. Het innerlijk bleek echter gebouwd op een fundament van hardnekkig scepticisme.

Het is wel vaak, 23 keer. Ik ben pas 24 jaar oud, maar het besef kwam al vroeg: ik word romanticus. Normaal zou men zeggen dat er niet eens sprake was van een keuze. Ik koos wel, alleen heel jong. Het eerste levensjaar heb ik de keuze nog even uitgesteld, in de luier is het moeilijk praktiseren. De bijna mantra-achtige geluiden van de wervelende natuur laten zich moeilijk ontsluiten wanneer de luier nog om de billen zit.

            Mijn methode gaat vanaf nu wel anders. Ik word romanticus via de achterdeur. Ik lees natuurlijk  ook een romantisch boek, dat is al bekend, maar ga mij bijvoorbeeld nu ook toeleggen op de Duitse taal en een stevig geloof in de revolutie van de stillen in het land. Het heeft allemaal niet zo veel om handen als je een beetje omzichtig te werk gaat. Het innerlijk laat zich graag in de luren leggen. Achter de granieten façade zit een stukje klei, meer niet.

Ik ben nu enkele maanden verder. Tegenover mij zit een meisje. En ik vind dat zij bij mij past. Eerst dacht ik dat ik een blonde Duitse zocht, maar ik ben van mening veranderd. Ik leg een grote mate van consequentheid aan de dag als het gaat om verandering. Het heeft ertoe geleid dat ik mijn heil zoek bij een  Franse brunette. Zij past misschien nog wel meer bij mij. Ze is een meisje van de Jugendstil, dat kun je zien. En de Jugendstil is romantisch.

            O ja, van Nietzsche moet ik het beest loslaten. Ik laat mij voor mijn eigen beest verslinden. Is dat niet romantisch? Ik weet nog niet wat het meisje er van denkt. Ik verwacht dat ze ruimdenkend is en zich ook laat verslinden door haar eigen beest. Gunstiger is als ze zich laat verslinden door mijn beest. Het kan geen kwaad ook in deze gevallen kosten nog moeite te besparen, want met een beetje efficiency heb je gewoon meer romantiek tegen dezelfde prijs.

            Ik heb mijn romantische verlangen nu dus op de vrouw geprojecteerd. Het sceptische beest weet waar hij wezen moet. Ik weet echter niet wat er gebeurt als ik het loslaat. Verkoop ik mijn ziel? Wie zal het zeggen. Als daarmee inkomen gepaard gaat, hoeft het zo problematisch nog niet te zijn.  Ik kan wel zeggen dat ik nu op mijn romantische hoogtepunt ben. Ik ben de speelbal van mijn verlangen geworden. Ik kijk maar raak en probeer het aantrekkelijke beest via mijn ogen ter wereld te laten komen. Dus kijk in mijn ogen en je ziet het beest. Je zult wel versteld staan wat een knuffelbeer het is. Welnee, ik ben zo kwaad nog niet. De falende romanticus is een zegevierend scepticus. En een scepticus maak je alles wijs.

Gerelateerde artikelen
Reacties
2 Reacties
  • Julia Rijssenbeek,

    Je doet me denken aan der Steppenwolf van Herman Hesse, als je die nog niet gelezen hebt, lees hem dan in het duits, het is een kunstwerk!

  • Ik zal het boek kopen. Dan hebben we het erover!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven