Flickr / Minister-president Rutte

Tijd om wat druk uit te oefenen

Gisteren heeft het kabinet de miljoenennota 2014 gepresenteerd en de komende weken zal deze besproken worden met de Tweede Kamer tijdens de algemene beschouwingen. Ongeacht de verhoudingen binnen het parlement of de politieke kleur van het kabinet, loopt deze plenaire sessie steevast langs twee sporen. Het deel van de parlementariërs dat deel uitmaakt van de regeringscoalitie voert een toneelstukje op waarin zij een duale opstelling veinst door zogenaamd kritische vragen te stellen, waarna de regering voorgekookte, marginale concessies doet. Het deel van de volksvertegenwoordigers dat deel uitmaakt van de oppositie spreekt namens een streng afgebakende achterban van grove schande, om zich vervolgens te storten op technocratische procentendiscussies met een staatssecretaris die hen hooguit een kinderachtige Pyrrusoverwinning gunt.

De miljoenennota van dit jaar biedt een goede aanleiding deze traditie eens te moderniseren. Volksvertegenwoordigers kunnen dit jaar proberen zich zonder voorbehoud in te zetten voor het bestrijden van de economische crisis die ons land al vijf jaar in haar greep houdt, door de aandacht te vestigen op de maatschappelijke uitkomsten van het gevoerde kabinetsbeleid en de plannen voor het aankomende jaar die het kabinet presenteert. Want hoe staat het er ook alweer voor?

Wanneer de oppositie voldoende druk uitoefent, zal het kabinet vallen.

De Nederlandse economie ontwikkelt zich slechter dan de economie van omringende en vergelijkbare landen. De koopkracht van Nederlandse consumenten is verslechterd in de afgelopen vijf jaar, hetgeen heeft geleid tot dalende consumentenbestedingen en afnemende investeringen door bedrijven. Gevolg hiervan is een groot aantal bedrijfsfaillissementen en een nog groter aantal ondernemers dat in de problemen zit. Dit veroorzaakt almaar oplopende (jeugd)werkloosheid en stijgende armoede in Nederland, met steeds meer kinderen die in armoede opgroeien. Armoede en onzekerheid genereren een dalend geboorteaantal in Nederland, en de gevoelens van schaamte en uitzichtloosheid die met armoede gepaard gaan, veroorzaken een stijgend aantal zelfdodingen.

Kabinetsbeleid dat deze stand van zaken heeft veroorzaakt, is er niet alleen op gericht geweest de economische situatie van Nederland te verbeteren, quod non, maar heeft ook als doel gehad naderend economisch onheil af te wenden door via maatschappelijke akkoorden specifieke hervormingen door te voeren of op zijn minst aan te kondigen. Geen van deze hervormingen gaan echter in op de aankomende, voorzienbare problemen van het overgewaardeerde vastgoed in Nederland, de overgewaardeerde overheidsbezittingen en de nog steeds verborgen risico’s in de publieke en private sector, die de financiële positie van de overheid (en naar wij hebben ondervonden dus ook die van de belastingbetaler) ernstig kunnen verzwakken.

De intellectuele grondslagen waarop dit kabinet zich beroept, zijn achterhaald en uitgebreid weersproken. De 3%-norm en de bijbehorende apocalyptische staatsschuldnarratieven zijn tamelijk overdreven. De schulden in de private sector vormen een veel groter probleem. Daarnaast houdt het kabinet vast aan het idee dat procyclisch economisch beleid van lastenverzwaringen de negatieve economische cyclus kan doorbreken, in weerwil van de vele analyses die juist een anticyclisch beleid van overheidsinvesteringen aanbevelen.

Parlementariërs hebben de mogelijkheid geschiedenis te schrijven op een wijze die decennia lang voor onmogelijk werd gehouden.

Me dunkt dat het kabinet buitengewoon kwetsbaar is. De steun voor dit kabinet daalt in rap tempo, terwijl de sociale partners waarschuwing na waarschuwing afgeven en overgaan tot actie. Tegelijkertijd vormen de coalitiepartijen een minderheid in de senaat, waardoor wetsvoorstellen eenvoudigweg kunnen worden geblokkeerd door de oppositie, en weet het kabinet zich aan handen en voeten gebonden door het gegeven dat het Nederlandse economisch beleid al vóór het reces is vastgesteld door de Europese Commissie.

Parlementariërs hebben de mogelijkheid geschiedenis te schrijven op een wijze die decennia lang voor onmogelijk werd gehouden. Een ideaal podium voor Kamerleden met politiek talent. Wanneer de oppositie voldoende druk uitoefent, zal het kabinet vallen, en met veel geraas. De wegen naar Rome zijn talrijk en het padvindershandboek lijkt rijk gevuld: Een stevige, inhoudelijke charge tijdens het plenaire debat; buitenparlementaire actie in samenwerking met bonden en belangenorganisaties; een harde blocktackle in de senaat. Ik kijk ernaar uit. Naar welke volksvertegenwoordiger zullen we de aanstaande politieke bloednacht vernoemen?

Gerelateerde artikelen
Reacties
1 Reactie
  • Arjan Miedema,

    Heb je ook een linkje waaruit blijkt dat het kabinet kwetsbaar is (ene-laatste alinea eerste zin)? Met een linkje is het net iets overtuigender. Groet.

     

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven