Flickr / jieq

Tussen golfvergelijking en levensvraag

“Er is metaphysica genoeg in denken aan niets” - Fernando Pessoa

Benodigdheden voor één Schrödingers kat:
1. een stalen doos
2. een cyanidebuis en hamer
3. een Geiger-Müllerteller
4. een instabiel atoom
5. een kat

Uitvoering:
1. Richt de Geiger-Müllerteller op het atoom.
2. Sluit de Geiger-Müllerteller aan zodat de hamer bij een signaal de cyanidebuis kapotslaat.
3. Doe dit samen met de kat in de stalen doos.
4. Wacht tot het atoom volgens de moderne kwantumfysica zowel niet als wel vervallen is, zodat er wel een geen giftig gas de kat wel en niet doodt.

Daar heeft u het: een zowel levende als dode kat, zoals natuurkundige Schrödinger het zich zo beroemd voorstelde. Niet alleen is dit een goed voorbeeld om de onbegrijpelijkheid van sommige natuurkunde te laten zien, ook toont dit hoeveel impact de natuurwetenschap op ons dagelijks leven kan hebben. Niet alleen de zombiefanatici zullen opspringen bij het idee van een kat die zowel levend als dood is, het herdefiniëren van de scherpe grens tussen leven en dood kan voor iedereen consequenties hebben.

Hoe verder de natuurwetenschap van de simpele observaties van Aristoteles is gevorderd, hoe verder het van ons af is komen te staan.

Maar dit heeft uw natuurkundeleraar u waarschijnlijk niet verteld en ook bij een studie natuurkunde blijven de mogelijk gevolgen voor het dagelijks leven onderbelicht. De natuurkundige houdt zich vooral bezig met golfvergelijkingen, thermodynamicawetten en recentelijk vooral met higgsdeeltjes. Hoe verder de natuurwetenschap van de simpele observaties van Aristoteles is gevorderd, hoe verder het van ons af is komen te staan.

Het nut van  alle technologische vooruitgang die gepaard ging met de opkomst van de natuurwetenschappen staat buiten kijf. Maar hoe komt het dan dat het lijkt alsof de harde wetenschappers oogkleppen op hebben voor de filosofische consequenties van hun werk? En zelfs als er academici zijn die het gat tussen ‘de twee academische culturen’ – de natuur- versus geesteswetenschappen - proberen te overbruggen, lijken ze in debatten langs elkaar heen te praten. Lees het interview met Dick Swaab en Bert Keizer er maar op na, in de Filosofie Magazine-special over de ziel, vorig jaar april.

Daaraan voorafgaand lijkt het probleem te ontstaan bij het begin van zowel de moderne wetenschap als de moderne filosofie. René Descartes is misschien een van de eerste die de twee duidelijk van elkaar onderscheidt. Vervolgens stelt hij de filosofie als voorafgaand aan de wetenschap. De (kentheoretische) filosofie wordt bedreven om een natuurwetenschappelijke methode te ontwikkelen. De rest is een zaak voor de natuurwetenschap. Maar meer dan 350 jaar nadat hij zijn Discours de la Methode schreef, lijkt deze laatste stelling achterhaald. De natuurwetenschappen hebben nu steeds meer invloed op de geesteswetenschappen.

Hoewel we de natuur niet meer als goddelijke orde zien, hebben die wetenschappelijke conclusies wel degelijk een invloed op ons wereldbeeld. Een objectieve wetenschappelijke definitie van wat ‘leven’ nu eigenlijk is zou bijvoorbeeld een einde kunnen betekenen van het jarenlange abortusdebat in de Verenigde Staten. Abstracter is het begrip vrije wil niet alleen belangrijk in politieke of religieuze context, het raakt voor veel mensen ook aan een antwoord op vragen waar ze op een persoonlijk niveau mee bezig zijn. Zo zong Morrissey van The Smiths al: “Does the body rule the mind, or does the mind rule the body?"

Bovenal lijkt het zo dat de natuurwetenschappen vervreemd raken van waar de mensen zich mee bezig willen houden. Dat blijkt ook uit de populariteit van de boeken van Harry Mulisch of Stephan Brijs, die de biologie op een veel menselijker niveau gebruiken, in tegenstelling tot de keiharde data-analyse die in de labs bedreven wordt. Maar een sterker argument is cijfermatig: de inschrijvingen voor een studie als natuurkunde zijn (ondanks de grote baankans die de studie biedt) al jaren aan het dalen, tot ongenoegen van wanhopige technische bedrijven. Dat in tegenstelling tot de iedere jaar groeiende belangstelling voor een ‘saaie studie’ als filosofie.

Het lijkt zo dat de natuurwetenschappen vervreemd raken van waar de mensen zich mee bezig willen houden.

Het moge duidelijk zijn dat de natuurwetenschappen respectabele wetenschappen zijn, ze zijn vaak een stuk concreter dan de humaniora. Er kan echter gesteld worden dat waar zij zich mee bezig houden, het vergroot van kennis omwille van de kennis, misschien achterhaald is. De mens die de moderniteit kan nabeschouwen wil weer een rol voor de menselijkheid in de wetenschap, opdat het vragen gaat beantwoorden die wij als mens hebben, niet als wetenschapper.

Ter afsluiting haal ik de woorden aan van Mark Everett, de zoon van Hugh Everett III, de depressieve natuurkundige wiens ‘veel-werelden-interpretatie’ pas na zijn dood serieus werd genomen en die nu als één van de goede antwoorden op Schrödingers probleem geldt. Laat hem maar eens beslechten of Schrödingers kat en de vervreemde natuurwetenschapper wel echt leven:

Have you ever sat down in the fresh cut grass
and thought about the moment and when it will pass?
Hey man now you're really living!”

Gerelateerde artikelen
Reacties
5 Reacties
  • interessante ideeën. maar jammer genoeg is het mij niet duidelijk wáárom jij vindt dat natuurkunde kennis omwille van de kennis vergroot!

  • Leon,

    Nietzsche beschrijft wetenschap  in zijn "Gut und böse im außermoralischen sinne" als een toren en een schacht. Beide kunnen of hoger de lucht of dieper de aarde in, maar breder worden ze nooit. De wetenschap is op bepaalde fundamenten (zoals een toren) gebouwd. Deze fundamenten zou je de fundamenten van kennis kunnen noemen en alles wat binnen de axioma van kennis valt, is dat wat wij kenbaar noemen. De ontdekking van het Higgs deeltje licht dus al besloten in het moment dat de moderne natuurkunde zijn intrede doet. Het enige wat er gebeurd is sinds deze fundamenten gelegd zijn is dat wij steeds nauwkeuriger naar de wereld om ons heen zijn gaan kijken (microscopen, infrarood etc.) en op die manier ontdekken hoeveel verdiepingen onze toren heeft. Alles wat wij als kennis beschouwen ligt reeds in deze fundamenten besloten en alles wat tegenwoordig "ontdekt" wordt, is geïmpliceerd in deze fundamenten, alleen dat wisten we zelf nog niet.

    Ik snap dat "de fundamenten voor de wetenschap" erg statisch klinkt, maar voor de uitleg is het misschien makkelijker. Natuurlijk veranderen deze in de loop van de tijd (al zou Nietzsche misschien wel beargumenteren dat deze fundamenten al in onze taal en de manier waarop wij de wereld aanschouwen (dwz dat we "het concept als zodanig" erkennen) besloten ligt.

  • Leuk essay, ik ben wel voor wat meer interdisciplinaire samenwerking op dit vlak. Wat betreft de vorige reactie denk ik dat het jammer is dat Nietzsche bij het bedenken van zijn toren-metafoor nog niets wist van niet-Euclidische ruimte en dat soort dingen. Uitgerekend de natuurkunde heeft laten zien de 'fundamenten van de wetenschap' op losse schroeven te kunnen zetten en de oplettende filosoof te kunnen dwingen om nu en dan zijn axioma's te herformuleren of deze anders te conceptualiseren. Filosofie en natuurkunde kunnen dan ook gewoon van elkaar blijven profiteren als er maar mensen zijn die de moeite willen doen van beide markten thuis te zijn.

  • Rogier Brussee,

    Wat een warrig stuk en wat een slechte argumentatie. De natuurkunde stelt vragen die ver af liggen van het dagelijkse bestaan en het aantal natuurkunde studenten daalt, ergo de natuurkunde is achterhaald.  Als de geschiedenis van de natuurwetenschappen ons _iets_ leert is het wel dat het begrip van de natuur zeer gebaat is bij het loslaten van de geprefereerde rol van de mens.  Zie het artikel van Klaas Landsman en Rubin Reuver a flea on Schrödingers cat, arXiv:1210.2353v2 voor een zeer veel diepzinnigere verhandeling over het probleem van Schrödingers kat (of technischer de collapse of the wave function) .   Inderdaad eentje gedreven door het stellen van vragen over golfvergelijkingen en de filosofische instelling dat de observatie van de natuur alleen epistomologisch verschil maakt.

  • Yvo, de gevolgtrekking van het gedachte-experiment 'Schrödingers kat' is dat die interpretatie van de theorie incorrect is. Veel mensen denken onterecht dat het implicaties heeft zoals degene die jij voorstelt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven