Flickr // Bernat Casero

UvA-referendum: lage opkomst toont probleem

Waarom doen studenten dat, een gebouw bezetten? Omdat de regels omtrent inspraak tekort schieten, omdat er getwijfeld wordt over de macht van de medezeggenschap, en omdat het beleid faalt. Dat was onze analyse februari 2015, na de ontruiming van het Bungehuis. Hierop volgde de bezetting van het Maagdenhuis. Hoewel er weinig veranderd is sinds de protesten, is de academische gemeenschap wel voor het eerst gehoord over de inrichting van de universiteit. Tot elf december kon men stemmen over drie voorstellen om de universiteit te veranderen. Weinig mensen hebben dit gedaan. Juist dat toont het belang van verandering aan. Studenten werden slecht geïnformeerd, docenten hadden nauwelijks tijd bij het referendum stil te staan, en beide groepen geloofden niet dat er iets met de uitslag zou gebeuren. De redenen een gebouw te bezetten zijn er dus nog steeds.

De commissie Democratisering en Decentralisering (hierna afgekort tot D&D), is na de Maagdenhuisprotesten opgericht om het democratisch tekort aan de UvA in kaart te brengen en mogelijke oplossingen te formuleren. In meer dan honderdtachtig pagina’s analyse toont D&D de noodzaak tot verandering. Die zou volgens D&D kunnen bestaan uit een charter, een grondwet voor de universiteit, die haar kernwaarden verwoordt, en het instellen van een senaat, die zich bezint op de langetermijnvisie van de UvA. De meest radicale verandering kon echter komen door het laatste voorstel van D&D: de invoering van een nieuw bestuursmodel.

De stille meerderheid is ongeïnformeerd, wantrouwend, onverschillig of heeft simpelweg geen tijd te stemmen

Referendumgangers konden kiezen uit vier verschillende modellen. Men kon met de blauwe variant de probleemanalyse van D&D opzij schuiven en op de oude manier doorgaan. Met model oranje krijgt de medezeggenschap meer macht. En met het gele en groene model gaat het roer radicaal om: daarbij krijgen medewerkers en studenten meer invloed. Binnen de laatste drie modellen zouden docenten en studenten in de toekomst niet meer hoeven twijfelen aan de reële macht van de medezeggenschap, terwijl het huidige College van Bestuur een bezetting bespaard blijft.

Om dat voor elkaar te krijgen, hebben studenten, docenten en medewerkers kunnen stemmen. De opkomst is echter teleurstellend gebleken. Conservatieve krachten, zoals een aantal decanen die hun macht misbruikten om per mail het blauwe model te propaganderen en de voorman van de (aan de VVD gelieerde) studentenpartij de Vrije Student, Gerwin Wezelman, wijten dat aan een stille meerderheid die het allemaal niet uitmaakt. Is er een stille meerderheid? En zo ja, waarom dan? Wij zien vier mogelijke opties: deze zogenaamde stille meerderheid is ongeïnformeerd, wantrouwend, onverschillig, of heeft simpelweg geen tijd te stemmen.

Dat studenten en medewerkers ongeïnformeerd zijn is deels het College van Bestuur (CvB) aan te rekenen. Zij hebben zich weinig bereid getoond om de academische gemeenschap over het referendum te informeren. Pogingen om officiële universiteitskanalen te gebruiken om het referendum te promoten zijn zeer bewust tegengehouden. Erger nog, het CvB heeft het belang van het referendum willen bagatelliseren door het referendum niet bindend te noemen. Enkel deze onevenwichtigheid in de macht zou al een argument moeten zijn om voor meer democratie te stemmen.

De tweede reden vormt de wantrouwige gedachte dat niets met het referendum zal gebeuren. Dit is niet verwonderlijk: de gemiddelde student of medewerker kent de medezeggenschap als een instantie die opzij geschoven kan worden. Waarom zou het nu anders zijn, nu het referendum afgedaan wordt als niet-bindende enquête?

De onverschilligheid van de student schrijnt echter het meest. Studenten worden gestimuleerd de universiteit als een plek te zien waar ze een product kopen. Als je slechts consumeert, waarom zou je je dan betrokken voelen? Studenten en medewerkers zijn niet meer samen bezig om tot nieuwe inzichten te komen. Hun relatie is gejuridiseerd en geëconomiseerd. Hier ligt het overheidsbeleid aan ten grondslag. Hoger onderwijs wordt hoofdzakelijk op studenteninstroom bekostigd. Een op zichzelf gebrekkig systeem, dat nog eens versterkt wordt door de nadruk die wordt gelegd op output: de financiering hangt af van de hoeveelheid gehaalde diploma’s en studenten die nominaal studeren.

Het democratisch tekort houdt een zwijgende meerderheid in stand die het tekort niet wil of kán aanvechten

Politiek filosofe Wendy Brown beschrijft in haar boek Undoing the Demos de maatschappelijke tendens die dit beleid veroorzaakt. Studeren verandert van 'een opleiding tot kritische burger' naar 'investering in human capital'. De student studeert enkel nog maar omdat zij dan meer waard wordt op de arbeidsmarkt. Alle nog bestaande vrijheden van studenten en medewerkers om zich echt wetenschappelijk te ontwikkelen staan ondertussen onder druk door het outputbeleid, dat resulteert in onder andere bindende studieadviezen en verschoolsing. Men oogst vervolgens wat men zaait: geen kritische toekomstige generatie, die we nodig hebben om de steeds complexere wereld te duiden, maar gedweeë geesten.

Waar de student gestimuleerd wordt om geen interesse te hebben, wordt de docent ontmoedigd en het onmogelijk gemaakt zich te bemoeien met bestuurlijke keuzes. Beleid dat gericht is op het leveren van output brengt een hoge werkdruk met zich mee. Wanneer je ook nog je onderdeel bent van UvA’s wegwerppersoneel, overspannen bent of simpelweg constant overwerkt, dan heb je niet de mogelijkheid om je academische vrijheid uit te oefenen. Je bent al blij als je je deadlines haalt. Zo ontstaat ook onder medewerkers een zwijgende meerderheid: die hebben geen tijd, zin en puf zich uit te spreken over de inrichting van de universiteit.

Het democratisch tekort houdt een zwijgende meerderheid in stand die het tekort niet wil of kán aanvechten. Een CvB dat goede informatieverstrekking tegengaat, een medezeggenschap die nooit aan het ideaal van inspraak kan voldoen, en een zelfbegrip waar vrijheid is versimpeld tot keuzevrijheid voor de consument. Zo houdt het ondemocratisch tekort zichzelf in stand.

Gerelateerde artikelen
Reacties
1 Reactie
  • Goed verhaal! De onderwijs gewetensvraag is wellicht ook of besturen van Universiteiten in Nederland talent hospitaliseren of talent ontplooien?
    Zie in die gedachte ook RSA ANIMATE: Changing Education Paradigms - https://youtu.be/zDZFcDGpL4U
    De vraag aan studenten is of je/jullie - mogelijk als georganiseerde Commons - in staat en bereid zijn om je eigen onderwijscurriculum te maken en vanuit de georganiseerde Commons te (doen) autoriseren onder Eigen Label?! Vereist is daarbij dan wel het daartoe organiseren van de Commons aan de UvA of dwars door verschillende universiteiten heen. En dan off-grid op Eigen Label het curriculum invoeren. Wie houdt je tegen? Alles is er al... Ontplooien doe je zelf; hospitaliseren laat je je doen... zeker als je het al een tijdje door hebt en dan tegelijk toch niet gelooft in je eigen kracht, originaliteit en autonomie. En in de kracht van je community. Wie wil je dat verwijten? Wat ga je er aan doen?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven