Wikimedia Commons

Wij zijn ons brein? Wij zijn onze taal

Eindelijk is het zover. Na meer dan tweeëneenhalf duizend jaar filosofisch gesteggel, miljoenen boeken en flink wat existentiële crisissen zijn we eruit: wij zijn geen morele dieren, geen bezielde machines of onderdanen van God; wij zijn ons brein. Dit keer wordt de definitie van de mens eens niet uit allerlei vage, abstracte gedachtegebouwen gedestilleerd, maar is de claim zowaar gestoeld op wetenschappelijke feiten.

Dick Swaab, Victor Lamme en andere neurowetenschappers bewijzen ons: de processen in onze hersenen bepalen wat we doen en denken. Beïnvloed je de hersenen, dan beïnvloed je de mens, in gedachten en gedrag. Testjes wijzen immers uit dat de keuze om een knop in te drukken al in ons brein zichtbaar zijn voor we onszelf bewust zijn van die keuze en dat de hang naar agressief gedrag voor een groot deel bij de geboorte al vast ligt in onze genen. Het lijkt allemaal zonneklaar, dus waarom staan de Nederlandse filosofen opeens masaal op hoge poten? Vinden we het gewoon moeilijk om te accepteren dat we niet zoveel controle hebben over onszelf als we altijd hoopten of kan het zijn dat Dick Swaab iets vergeet in zijn definitie van ons menszijn?

Het klinkt vreemd te zeggen dat niet jij, maar je hand een kop thee vast pakt.

De oplossing voor de onenigheid tussen neurowetenschap en filosofie kan wellicht gezocht worden in het taalgebruik van beide partijen. In de wijze waarop Dick Swaab zijn existentiële conclusies uit meetbare gegevens trekt, maakt hij een paar cruciale denkfouten die veroorzaakt worden door een taalverwarring.

In zijn boek stelt Dick Swaab de handelende mens gelijk aan het brein. Het brein is echter een object dat net zomin kan handelen als een steen of een fiets. In de manier waarop het woord ‘handelen’ gebruikt wordt in onze taal liggen de mogelijke subjecten van de handelingen al als criteria inbegrepen. Dit geldt ook voor begrippen als bewustzijn of waarneming. Iets met bewustzijn moet zich op een bepaalde manier gedragen willen we het geloofwaardig vinden als bewust subject. De sprekende kandelaar Lumierein Belle en het Beest heeft een bewustzijn omdat het zich gedraagt als een mens. Van een levenloze kandelaar zeggen dat het van binnen eigenlijk een bewustzijn heeft is onzin. Het brein gedraagt zich op geen enkele manier als mens en voldoet aan geen van de criteria die wij hanteren willen we ergens bewustzijn of een handeling aan toeschrijven.

Een ander voorbeeld waar de verwarring in naar voren komt is dat van het menselijk lichaam. Het klinkt vreemd te zeggen dat niet jij, maar je hand een kop thee vast pakt. Dit komt omdat een hand op zichzelf niet kan handelen, dan kan alleen de mens als geheel. Dick Swaab gaat eraan voorbij dat het brein helemaal niet in staat is om te handelen zoals wij dat als gehele persoon wel zijn.

Dat heeft verregaande consequenties voor zijn definitie: de mens als geheel heeft namelijk ook een leefwereld waar hij of zij mee vervlochten is en in die leefwereld is het vooronderstellen van iets als bewustzijn of vrije wil noodzakelijk om te kunnen communiceren, handelen en te leven. Wij moeten, om keuzes te kunnen maken, er in de praktijk vanuit gaan dat er keuzes bestaan. Om met iemand te kunnen praten, moeten we er vanuit gaan dat ook diegene keuzes kan maken en over een bewustzijn beschikt en dat we niet tegenover een matrix van elektrische impulsen staan waar een bepaalde uitkomst uitrolt. Dat is misschien wel het geval, maar toch zeker niet werkbaar in de praktijk.

Het spreken over de mens als brein gaat dus uit van een andere invulling van onze taal dan de taal de we iedere dag spreken. Als een neurowetenschapper het over waarneming heeft, praat hij over stimuli die de zintuigen binnenkomen en in de hersenen naar een sensatie omgezet worden. Maar als wij in de dagelijkse praktijk ergens naar kijken zien we geen verzameling stimuli die vervolgens in ons brein bijeengevoegd wordt en omgezet in betekenis. Wij zien gewoon iemand fietsen: een geheel dat als vanzelfsprekend bij de wereld om ons heen hoort en waar we iets mee kunnen.

Vinden we het gewoon moeilijk om te accepteren dat we niet zoveel controle hebben over onszelf als we altijd hoopten?

In de uitroep: ‘Hee daar zie ik Egbert fietsen!’ ligt dus een fundamenteel andere invulling van het begrip ‘zien’ besloten dan als het begrip in wetenschappelijke context gebruikt wordt. Dit hoeft geen probleem te zijn, op voorwaarde dat wetenschap en filosofie zich op het moment van dialoog bewust zijn van deze discrepantie. Als dit niet het geval is, ontstaat er onbegrip en vervalt een nobele interdisciplinaire ambitie tot oeverloos langs elkaar heen praten. Ondertussen is het ook belangrijk niet te vergeten dat ook de dagelijkse praktijk over een mate van waarachtigheid beschikt die niet onderschat dient te worden en wel degelijk mee zou moeten tellen in een (niet louter wetenschappelijke) definitie van wie of wat de mens is.

Victor Lamme doet momenteel een grootschalig onderzoek naar bewustzijn. Hij gaat er in zijn definitie echter vanuit dat mensen soms zelf niet weten waar ze zich bewust van zijn. Lammes definitie van bewustzijn verschilt zo erg van de manier waarop wij het woord in de dagelijkse praktijk gebruiken dat men zich af kan vragen in hoeverre dit onderzoek iets aan ons begrip van bewustzijn toevoegt, of dat het gewoon een nieuw begrip creeërt dat iets geheel anders betekent.

Het verkoopsucces van Victor Lamme en Dick Swaab kan deels verklaard worden door de gretigheid waarmee ze verstrekkende filosofische conclusies trekken uit hun bevindingen. Dit uit zich al in de wijsgerig veelbelovende boektitels: ‘De vrije wil bestaat’ niet en ‘Wij zijn ons brein’, respectievelijk. Als neurowetenschappers echter nalaten brede filosofische conclusies ook op soortgelijke argumenten te stoelen, worden redenaties vertroebeld door taalverwarringen. Over een tijdje zal er in de kranten een kort stukje staan met een kop als ‘hersenonderzoek wijst locatie van bewustzijn in brein aan’. De vraag is of in dat stuk ook over definities gesproken gaat worden of dat iedereen allang blij is dat tegenwoordig niet wij, maar ons brein de verantwoordelijkheid voor ons leven draagt.

Gerelateerde artikelen
Reacties
4 Reacties
  • Mark de Boer,

    Ik vind het een interessant stuk. Maar ik mis een beetje verduidelijking in dit verhaal: Wat is de exacte interpretatie van filosofen van het begrip bewustzijn? Waarom precies staan ze op hoge poten? Volgens mij is dat per filosoof sowieso verschillend. Waar zitten de overeenkomsten en de verschillen met de definities van Dick en Victor? En is alles dan af te schuiven op de interpretatie van het woord 'bewustzijn'?

    Je spreek er wel over, alles wat vooraf gaat aan: "hersenen kunnen niet handelen zoals wij dat als mensen als geheel wel kunnen". Maar is dit jouw interpretatie of een breed gedragen filosofisch inzicht?

    Ik zit zelf veel dichter tegen de interpretatie van Dick aan. Maar komt dat dan doordat ik niet begrijp wat filosofen met bewustzijn bedoelen? Want wat Dick zegt begrijp ik in ieder geval.

    En dan kan ik het niet laten om in te gaan op jouw argument dat Dick vergeet om mensen als geheel te zien. Wat is het geheel? En wat is de essentie? Volgens mij zijn onze hersenen de essentie.

    Mensen kunnen zintuigen en ledematen verliezen. Het verlies (of überhaupt het ontbreken bij geboorte) zorgt er niet voor dat je minder bewust bent. Je hersenen kunnen namelijk leren en aanpassen, ze zijn flexibel. Ja, je hersenen hebben input nodig om te kunnen handelen, en ja als ik wil spreken moet iets het geluid voortbrengen maar ons lichaam zijn slechts hulpmiddelen hiervoor, onze hersenen verwerken de input en geven de signalen.
    Als je dat in extreme mate doortrekt: Wat nou als wij in de toekomst de mogelijkheid hebben om onze hersenen uit ons lichaam te halen en in mooi doosje kunnen bewaren. Dankzij allerlei technische snufjes krijgen we onze input, visueel, geluid of geur en kunnen we communiceren via een computer of noem het maar. Al mijn ervaringen heb ik meegenomen want die zijn opgeslagen in mijn hersenen, mijn herinneringen, mijn ideeën. Of mijn hersenen creëren op dat moment nieuwe herinneringen en ideeën. Ben ik dan niet bewust van mijn nieuwe situatie? Volgens mij wel.

    Ik ben mijn brein en als mijn brein verantwoordelijk is voor mijn leven dan ben ik verantwoordelijk voor mijn leven.

    (Buiten dat alles zijn die titels natuurlijk lekker provocerend, getuige de filosofen op hoge poten. Dus zelfs als het filosofisch/wetenschappelijk niet helemaal correct is dan verkoopt het wel lekker...)

  • Overigens is 'wij zijn ons brein' al sinds de Grieken bekend. In de Griekse en Islamitische filosofie, daarna overgenomen door wetenschappers (die in die tijd nog filosofen heetten) in Europa, is het begrip ziel uitgewerkt in verschillende functies (faculteiten). Alle faculteiten, zoals de zintuiglijke waarneming of de verbeelding, krijgen een plek toegewezen in het brein door deze filosofen, bijvoorbeeld er wordt gezegd dat de zintuigen voorin het brein worden verwerkt en de verbeelding in het midden-gedeelte van het brein.

    De echte discussie is er over dat deel van de ziel dat immaterieel is, Grieks: nous, Arabisch: aql, Latijn: ratio. Alle filosofen van vroeger houden bij hoog en bij laag vol dat er zo'n immaterieel deel is en sterker nog, dat dit van alle onderdelen pas echt 'jezelf' genoemd mag worden want de rest kan vergaan maar het immateriele deel is onsterfelijk. In reactie op Mark kunnen we er ook op wijzen datwe zelfs een deel van ons brein kunnen weghalen en er toch niet minder onszelf door voelen. Blijkbaar is dat gevoel van jezelf zijn niet 1 op 1 met je hersenen te relateren.

    Dit dus maar even over hoe ouderwets Swaab en Lamme zijn.

  • Jasper Winkel,

    Over het lichaam:
    Ons brein is gemaakt om ons lichaam aan te sturen, en in ons brein bevindt zich dan ook een uitstekende representatie van ons lichaam. Die representatie, dat ben jij wel. Dat voelt alsof je je lichaam bent: natuurlijk, daar dient het voor.

    Over zien vs het waarnemen van stimuli:
    Ook wanneer het niet gaat om een Gabor-patch of moving dots, maar om het zien fietsen van Egbert, gebeurt dit grotendeels in je achterhoofd, en in zijn geheel in je brein (nou ja, als je je netvlies daartoe rekent).

    Het voornaamste probleem met het statement 'we zijn ons brein' komt vanuit het onderscheid tussen 'sterk reductionisme' en 'zwak reductionisme'. Sterk reductionisme is, simpel gezegd, onzin. Het is een stroman die wordt gebruikt door mensen die zwak reductionisme willen aanvallen (mensen met een inherent dualistische wereldvisie, die meestal geloven in een ziel en/of in god).

    Een voorbeeld van sterk reductionisme:
    "Psychologie is terug te brengen tot biologie, biologie is terug te brengen tot scheikunde, scheikunde is terug te brengen tot natuurkunde, dus psychologie, biologie en scheikunde bestaan helemaal niet."

    Een voorbeeld van zwak reductionisme:
    "Psychologie bestaat uit biologie, biologie bestaat uit scheikunde, en scheikunde bestaat uit natuurkunde. Om een van deze vakgebieden echt te begrijpen, moet je inzien hoe het is opgebouwd uit het onderliggende vakgebied, maar ieder vakgebied vormt een nuttig representatieniveau."

    Zo is het niet zinnig om voor alledaagse beslissingen een neurale (of natuurkundige) verklaring te zoeken, omdat de relevante systemen niet op dat representatieniveau zitten. Een scheikundige kan prima begrijpen dat een molecuul in zijn geheel bestaat uit atomen, maar hij zal niet beweren dat moleculen niet bestaan.

    Het statement 'We zijn ons brein' is waar, op dezelfde manier dat 'een bedrijf is haar medewerkers' waar is. Het klopt, maar het vertelt niet het hele verhaal.

  • We zijn nu 5jrverder. De eerste commenrator hakte het kreupelhout v h wel zeer rommelige "betoog" onderuit. De 2e becommentarieerde de 1e zonder wezenlijke argumenten en de 3e poogt iets toe te voegen met dure woorden maar zegt uiteindelijk nix en blijft zelfs onhelder over waar hij nu staat tegenover het basisbetoog zowel als de 1e commentator. Ik zou benieuwd zijn wat de filosofe nu 5jr later zelf v haar jeugdige overmoedige text vindt...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven