Flickr / bertknot

Witte naambordjes, zwarte bladzijden

Dit artikel verscheen eerder op het online magazine Nachtbrakers, hier te lezen.

Zwarte Piet is nog maar net het land uit – om hopelijk nooit meer terug te keren – en we hebben de volgende racismekwestie alweer te pakken. En deze keer begonnen op een plek waar je het niet zou verwachten: in het Rijksmuseum. In december kondigde het museum aan dat ze met een kritisch oog gaan kijken naar de benamingen en omschrijvingen in hun collectie. Woorden die inmiddels taboe zijn – denk bijvoorbeeld aan neger, maar ook indiaan of hottentot – worden aangepast naar een term die beter beschrijft wat we zien. En dat is nodig.

Wandel door de eregalerij van het Rijks en zie daar geschiedverheerlijking, en terecht, want dat is de essentie van de collectie. De rol van het Rijksmuseum is denk ik ook niet om stelling te nemen in maatschappelijke discussies, maar het moet juist wel een museum zijn voor iedereen die in het Rijk woont. Het is een verademing om te merken dat deze kritiek wordt opgepakt. Zo was er eind november een Anton de Komvoorleesmarathon, waarbij teksten uit zijn Wij Slaven van Suriname naar elkaar werden uitgesproken, en staat de studie van het standbeeld op het Anton de Komplein in de Bijlmer pontificaal in de entreehal. Het vervangen van gedateerde namen naar iets met minder 1863-vibes lijkt dus een logisch vervolg.

Wandel door de eregalerij van het Rijks en zie daar geschiedverheerlijking

De kritiek op dit plan is tegelijkertijd ook goed te begrijpen: verander je zomaar de historisch gegeven titel van een object dan is dat geschiedvervalsing. Een zeventiende-eeuwer gebruikte nou eenmaal woorden die anno 2015 niet door de beugel kunnen, en onze normen en waarden opleggen aan de tijdgenoten van Rembrandt is een enorme no-no. Het Rijks heeft natuurlijk ook wel over dit probleem nagedacht en heeft een oplossing waarbij de oorspronkelijke naam van het kunstwerk wordt opgeslagen. Onderzoekers kunnen dan makkelijk te werk gaan en mensen die echt liever een figuur op een schilderij ‘zwart negerinnetje’ in plaats van ‘Surinaams meisje’ willen noemen hebben daar ook nog een historische basis voor.

Geschiedvervalsing kan je dus ondervangen, zolang je maar in de gaten houdt dat het verleden een ander land is met andere gewoontes en andere mensen. Tegelijkertijd is dit maar één gedeelte van het probleem. Naast het wijzigen van de titel van een schilderij is een verandering in de tekstbordjescultuur net zo goed van belang. In het recente verleden ben ik teksten tegengekomen waarbij een zwarte vrouw werd vergeleken met een kaketoe en op een andere plaats werd omschreven als een exotische verassing. En elke beweging daar van weg is een reuzensprong voorwaarts.

De taalverandering is een belangrijke bemoedigende stap, maar er kan nog zo veel meer gedaan worden. Neem bijvoorbeeld de nieuwe tentoonstelling in het Rijks over Azië en de VOC. Daar hangt een portret van Jan Pieterzoon Coen. Dat is dezelfde Pieterszoon Coen die verantwoordelijk was voor de ‘herbevolking’ van de Banda-eilanden. Er wordt omschreven dat hij onder andere ook tot slaaf gemaakte mensen (een niet-cynisch petje af voor het taalgebruik!) gebruikte om zijn bewind uit te voeren, maar genocide, nee, daar wordt verder met geen woord over gerept.

Een naamverandering alleen is een vrij nutteloze exercitie

De problematiek van geschiedvervalsing is redelijk makkelijk te ondervangen door de oorspronkelijke naam op te slaan. Het is dan ook goed dat er veel aandacht, tijd en moeite wordt gestoken in het nadenken over het taalgebruik binnen het museum, maar tegelijkertijd is het jammer dat belangrijke historische vragen onbeantwoord blijven. In beide gevallen ligt er ruimte om over geschiedenis, naamgeving en presentatie te discussiëren en zo tot nieuwe inzichten te komen. Maar een naamverandering alleen is op zichzelf een vrij nutteloze exercitie. Als je alleen de taal aanpakt, maar met geen woord schrijft over bijvoorbeeld genocide, dan ben je meer bezig over hoe je dingen moet zeggen in plaats van wat je moet zeggen. En daar schieten we natuurlijk niet veel mee op. Lieve historische musea van Nederland, doe dan ook wat met onze zwarte bladzijdes, het zijn er genoeg. Durf dan ook de confrontatie aan te gaan met het publiek, en heb het lef om buiten het zelf geschapen kader van de Gouden Eeuw te denken.

Gerelateerde artikelen
Reacties
2 Reacties
  • Laten we dan gelijk alle geschiedenisboeken afschaffen!

  • Hersenspinsel,

    Woorden zijn niet het probleem, intenties en overtuigingen zijn het probleem. Woorden zijn enkel het middel.

    Ik vind dit, en vele anderen ideeën, om de kern van het probleem heen draaien. Bond tegen het vloeke  vind ik bijvoorbeeld net zo vreemd.

    Mensen, en ik dus ook, zullen elkaar in de ogen moete  kijken en mogen ervaren dat ieder mens uniek is en dus ieder mens afzonderlijk bekeken dient te worden. Ongeacht hoe je eruitziet en waar je vandaan komt. Wanneer je een ander ras wilt neerhalen doe je dat gewoon, dan verzin je wel een nieuw woord wat we vervolgens weer kunnen censureren.

    Sterker nog ik denk dat dit alles, op de lange termijn, de discussie alleen maar zal voeden.

    Zeker bij kunst telt het beeld en is de titel bijzaak.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven