Wikimedia Commons

Xi Jinping, wat kunnen we verwachten?

De kogel is door de kerk. De nieuwe president is gekozen. Natuurlijk, het zal er al een tijdje aan te komen, er waren genoeg voortekenen die deze kant op wezen, maar nu is het officieel. Afgelopen donderdag maakte de wereld kennis met de nieuwe leider van de Chinese Communistische Partij (CCP): Xi Jinping. Met hem zullen we het de komende tien jaar moeten doen. Weten we eindelijk waar we aan toe zijn. Toch?

De afgelopen twee weken was China in de ban van het 18de Congres van de CCP, waarbij de crème de la crème van de Chinese politiek aanwezig was. De climax was de presentatie van de nieuwe zeven leden van het Staand Comité van het Politbureau, het hoogste en machtigste bestuursorgaan van het land. Tijdens een strak geleide show stelde Xi Jinping in zijn hoedanigheid als nieuwe leider de overige zes leden voor. Ook voor de Chinezen was het even wennen. De namen van Xi Jinping en Li Keqiang, de nieuwe premier, waren reeds bekend – het is immers een publiek geheim dat zij vijf jaren geleden al zijn aangewezen om deze functies te gaan bekleden – maar van de anderen niet.

Hij is de zoon van een ‘revolutionaire held’ en behoort daarmee tot de generatie van ‘prinsjes’.

Deze relatieve onbekendheid van de nieuwe leiders is niets nieuws. De CCP is geen transparant instituut: besluitvorming geschiedt achter gesloten deuren en partijfunctionarissen laten zelden het achterste van hun tong zien. De partij voelt niet de behoefte naar buiten toe verantwoording af te leggen. Deze kleurloosheid en ondoorzichtigheid zie je terug bij de hoogwaardigheidsbekleders. Sterker, het is een vereiste dat leiders een onuitgesproken profiel hebben. Over Xi Jinping is weinig bekend. De CCP is zijn enige werkgever geweest en zijn cv vertoont een graduele klim naar de top. Hij is de zoon van een ‘revolutionaire held’ en behoort daarmee tot de generatie van ‘prinsjes’: de zoons en dochters van oude leiders die in China heden ten dage op politiek en economisch vlak machtige posities bekleden.

Het is vanuit Westers perspectief vreemd om te bedenken dat de nieuwe leiders van China geen uitgesproken persoonlijkheden zijn. We weten niet exact waar ze voor staan. Bij gebrek aan een meerpartijenstelsel hoeven Chinese politici zich niet uit te laten over politieke overtuigingen. Leiders beschouwen zichzelf meer als bestuurders en als zodanig is het spuien van je mening bijzaak. Het land moet gewoon bestuurd worden. Zoals oud-leider Deng Xiaoping al zei: “Het doet er niet toe of de kat zwart of wit is, zolang hij maar muizen vangt.” Dit niettegenstaande zijn er overigens wel stromingen binnen de CCP te ontwaren. De ‘anti-reformistiche’ stroming heeft nu de bovenhand: alle nieuwe leden van het Staand Comité hiertoe gerekend kunnen worden.

Xi Jinping zal, naar valt aan te nemen, op dezelfde voet doorgaan als zijn voorganger Hu Jintao. Bij gebrek aan een vastomlijnd plan van Xi moeten we derhalve kijken naar de afscheidsspeech van Hu tijdens het Congres, die gelezen kan worden als een verkapte huiswerkopdracht aan Xi. In een toespraak van meer dan honderd minuten ging Hu nader in op wat momenteel voor het Chinese volk de grootste kwesties zijn, namelijk corruptie en democratie. Over het eerste zei hij dat het gevecht tegen corruptie binnen de partij en staatsbedrijven nog niet gewonnen is en dat, zonder succesvolle aanpak, corruptie de macht van de CCP (verder) zal eroderen. Hu bezigde het woord ‘democratie’ 63 keer, maar stelde daarbij expliciet dat het ging om ‘intra-partij’ democratie. De CCP is niet voornemens om de touwtjes uit handen te geven. Deze uitspraken lijken dan ook bedoeld als zoethoudertjes voor het Chinese volk: de partij gaat aan de slag met deze zaken maar grote hervormingen blijven uit, aangezien deze onvermijdelijk zullen leiden tot aantasting van de macht en invloed van overheden, staatsbedrijven en elitaire families. Xi lijkt deze aanpak van Hu te onderstrepen, zo blijkt uit de toespraak die hij gaf vorige week donderdag.

Hu bezigde het woord ‘democratie’ 63 keer, maar stelde daarbij expliciet dat het ging om ‘intra-partij’ democratie.

Maar is dat genoeg? Xi en kornuiten dienen zich ervan te vergewissen dat zij China gaan besturen in een kritieke fase. De bevolking is ambitieuzer, beter opgeleid en meer uitgesproken, de effectief toegepaste censuur ten spijt. Luid is dan ook de roep om hervorming op sociaal, politiek en economisch vlak. Veelgehoorde kritiek: de kloof tussen rijk en arm wordt groter, de huizenprijzen in de steden rijzen de pan uit en de bevolking komt vaker in opstand tegen door de staat geplande projecten die nadelige effecten hebben op milieu en leefomgeving.

Xi Jinping zal moeten gaan hervormen als de groei van de economie verder afneemt, een tendens die reeds twee jaar gaande is. De CCP kon tot dusverre bogen op een snel groeiende economie en daarmee andere sociale kwesties verbloemen. De op export gerichte economie zal moeten worden omgevormd en uit moeten gaan van binnenlandse consumptie als fundering. Dit is in mijn ogen cruciaal. Faal in het omvormen van de economie en sociale instabiliteit zal het gevolg zijn, met als mogelijk resultaat zelfs de neergang van de CCP.

Het doet er niet toe of de kat zwart of wit is, zolang hij maar muizen vangt.

Zo’n vaart zal het allemaal wel niet lopen. Daar zijn Xi en de CCP te gewiekst voor. Ze zijn buigzaam en bovenal pragmatisch. Van oudsher is het de taak van diegene die over de Chinezen heerst hun voorspoed te brengen. Daar zijn de heren zich van bewust. Bovendien voert het mij te ver om te stellen dat de leiders van de CCP alleen maar heersen voor eigen gewin en zonder bekommering om de welvaart van de Chinese bevolking. Zij zullen hervormingen doorvoeren en tegemoet komen aan de wensen van het volk, maar wel telkens net op tijd. Als de druk het grootst is. Het doorvoeren van hervormingen zal op veel weerstand stuiten en daardoor uitsluitend doorgang vinden wanneer er echt druk op de ketel zit. Deze aanpak wijkt in wezen niet af van het huidige beleid.

Om de vraag uit de inleiding te beantwoorden: ja, we kunnen, ondanks Xi’s onduidelijke politieke ambities, met enige zekerheid stellen hoe zijn aanpak zal zijn. Sommige critici noemen dit doormodderen. Aan de andere kant, we kunnen niet voorspellen waar zijn aanpak toe zal leiden. Dat hangt af van de staat van de economie en met name van de wil en druk van het volk. Wellicht zien we dan ineens een radicaal andere kant van Xi. Om bij de metafoor van Deng Xiaoping te blijven: een kat in het nauw maakt rare sprongen.

Gerelateerde artikelen
Reacties
Nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven