Wikimedia Commons

Zwartepieten met specialisten

“De hoge inkomens van medisch specialisten zijn voor een belangrijk deel het resultaat van de kunstmatige schaarste aan artsen in Nederland. Die is ontstaan door het van overheidswege limiteren van het aantal studenten dat geneeskunde kan studeren (numerus fixus).” Zo opent het artikel “Medisch specialisten profiteren van kunstmatige schaarste aan artsen” dat recentelijk verscheen in MeJudice. De kritische lezer zou zich bij dit soort stellingen de volgende vragen kunnen stellen: Is er in Nederland werkelijk een schaarste aan medisch specialisten? En, uitgaande van schaarste, wordt die dan alleen veroorzaakt door de numerus fixus? De onderzoekers komen in hun onderzoek snel tot conclusies en zien enkele belangrijke aspecten over het hoofd.

In het artikel bepleiten de onderzoekers dat de hoogte van de inkomens van medisch specialisten het resultaat is van kunstmatige schaarste aan medisch specialisten. De onderzoekers baseren hun schaarstestandpunt op onderzoek van de OECD, dat laat zien dat Nederland ten opzichte van andere landen relatief het kleinste aantal specialisten kent. Om deze cijfers kunnen we niet heen. Ook uit het Brancherapport 2012 van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) blijkt dat Nederland (in vergelijking met andere Europese landen) het kleinste aantal specialisten per 1000 inwoners heeft. Maar dat is nog geen schaarste. We hebben in Nederland de huisarts als poortwachter, waardoor we mogelijk minder specialisten nodig hebben dan in sommige andere landen. Daarnaast blijkt uit hetzelfde Brancherapport dat Nederlanders simpelweg gezonder zijn en minder vaak bij de specialist komen. “Vooralsnog vormt het relatief geringe aantal medisch specialisten geen probleem. Elk jaar bezoeken 7 miljoen mensen er één en dat gaat goed”, laat een woordvoerder van de NVZ op diverse nieuwssites weten. Ook andere organen buigen zich over de vraag of er schaarste is aan medisch specialisten. De Nederlandse Zorgautoriteit  bepleit van wel, maar het College voor de Beroepen en Opleidingen in de Gezondheidszorg  gaat hier tegenin. In een uitzending van EenVandaag van 21 september 2012 werd gesteld dat er een groot aantal jonge chirurgen, radiologen en cardiologen, onder hun niveau werken of werkloos thuiszitten. Of er in Nederland schaarste is aan medisch specialisten is dus een betrekkelijke vraag, die niet zonder meer eenvoudig te beantwoorden is.

Is er werkelijk een schaarste aan medisch specialisten en wordt deze veroorzaakt door de numerus fixus?

Goed, maar laten we er voor het gemak vanuit gaan dat er wel sprake is van schaarste aan medisch specialisten. Zou dit dan komen door de numerus fixus? Om geneeskunde te gaan studeren moest je tot voor kort ingeloot worden via de numerus fixus, maar dit gaat veranderen. De numerus fixus voor geneeskundestudenten wordt afgeschaft, in die zin dat de gewogen loting wordt omgezet in selectie aan de poort. Feit blijft dat er nog steeds een vastgesteld aantal geneeskundestudenten zal zijn en er dus niet ongelimiteerd dokters worden opgeleid. De studie geneeskunde duurt zes jaar waarna de student zichzelf basisarts mag noemen. Als basisarts kun je onder andere aan het werk als ‘arts niet in opleiding’: meestal in een ziekenhuis. Een tweede mogelijkheid om als basisarts aan de slag te gaan is om (promotie)onderzoek te doen. Uiteindelijk solliciteren de meeste basisartsen voor een vervolgopleiding.

De erkende specialistische vervolgopleidingen zijn ingedeeld in drie clusters. Slechts één van die clusters bevat de medisch specialisten waar het in het oorspronkelijke artikel om gaat. Volgens de onderzoekers wordt 50% van de studenten die de geneeskundestudie afrondt (uiteindelijk) medisch specialist. Denk hierbij aan chirurgen, internisten, oogartsen, radiologen en nog een twintigtal andere specialisaties, die allen voornamelijk in het ziekenhuis thuishoren. In opleiding komen tot medisch specialist is voor de basisarts niet eenvoudig. Het aantal opleidingsplaatsen is beperkt en het aanbod van solliciterende basisartsen is meestal een stuk groter. Je moet een goed CV hebben, wetenschappelijk onderzoek wordt gewaardeerd en (enkele jaren) klinische werkervaring is een pré. Uiteraard verschilt dit per specialisme, maar het heersende beeld is dat er voor de meeste opleidingsplekken tot medisch specialist een zekere mate van concurrentie bestaat.

 Je moet een goed CV hebben, wetenschappelijk onderzoek wordt gewaardeerd en (enkele jaren) klinische werkervaring is een pré.

Wie bepaalt er eigenlijk hoeveel basisartsen er in opleiding mogen tot medisch specialist? Dit is in handen van het Capaciteitsorgaan dat ramingen opstelt voor de opleidingscapaciteit van de medische vervolgopleidingen. Op geleide van de adviezen van het Capaciteitsorgaan stelt de minister van VWS jaarlijks een aantal instroomplaatsen beschikbaar. Het (toekomstig) aantal medisch specialisten is dus zeker niet alleen afhankelijk van de numerus fixus, zoals de onderzoekers stellen. Van grote invloed is ook het aantal vastgestelde instroomplaatsen voor de specialisaties. Natuurlijk is het aantal studenten dat begint aan de geneeskundeopleiding van invloed op het aantal basisartsen dat voor een bepaald specialisme kán kiezen. Maar in het onderzoek in MeJudice wordt de filter tussen basisarts en medisch specialist niet eens genoemd.

Zoals bij veel onderzoek is het van belang om de aannames van onderzoekers kritisch te bekijken. Of er sprake is van schaarste aan medisch specialisten is wat mij betreft nog steeds geen vaststaand feit. Het is jammer dat er een (fantoom?)probleem wordt gecreëerd doordat er niet kritisch wordt omgesprongen met wetenschappelijke data. En het zou een blunder zijn als er op basis van onzorgvuldige veronderstellingen beleid wordt gemaakt.

Overigens vraag ik me inmiddels zelf af of die werkervaring als toekomstig basisarts nou eigenlijk nodig is voor mijzelf (om later aangenomen te worden voor een opleiding tot medisch specialist), of voor de houdbaarheid van het zorgsysteem in Nederland. Misschien zou het ook zo kunnen zijn dat we in Nederland de basisartsen nodig hebben om productie te draaien? Om daarmee de medisch specialisten te ontlasten, waardoor we minder specialisten nodig hebben? Ik weet het niet en kan hier geen harde uitspraken over doen, maar het is op zijn minst nog eens een overweging - en misschien ook wel een nieuw onderzoek - waard.

Gerelateerde artikelen
Reacties
1 Reactie
  • Rosalie Schnoor,

    Bedankt voor dit - in elk geval een stuk completere - overzicht, Jodine! Het is eigenlijk onbegrijpelijk dat men, bij het praten over het aantal specialisten in Nederland, alleen kijkt naar de instroom in de geneeskundestudie en niet naar de instroom in de specialistenopleiding. Opsturen naar Schippers!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Naar boven